In de huishoudelijke installaties, wordt elk (verplaatsbaar) toestel met vaste standplaats of elke (verplaatsbare) machine met vaste standplaats met een nominaal vermogen groter of gelijk aan 2600 W afzonderlijkgevoed door een toegekende stroombaan. De wasmachine, de afwasmachine, de droogkast, het elektrischfornuis, de elektrische kookplaat en de elektrische oven worden ook afzonderlijk gevoed door een toegekende stroombaan. De toestellen van een elektrische verwarming met vaste standplaats worden gevoed door eenof meerdere toegekende stroombanen. De doorsnede van de elektrische leidingen bestemd voor de voedingvan deze elektrische toestellen of machines wordt in functie van het vermogen van deze elektrische toestellen of machines gekozen.