Mijn excuses, ik was vergeten dat een woord minstens 2 keer in een wettekst moet voorkomen om geldig te zijn... Helemaal vergeten, nochtans wordt hier eindeloos op gehamerd bij elke rechten-cursus!
Dat woordje is net het belangrijkste van de volledige tekst. Er moet aanstalten zijn tot — de voetganger moet zijn intentie om over te steken duidelijk maken. Op welke manier dit specifiek moet, wordt in de wet niet bepaald. Maar goed, de wet staat er nu niet om bekend dat het alle mogelijke situaties en interpretaties oplijst en toelicht.
De woorden 'aanstalte' en 'intentie' zijn met name zo belangrijk dat ze
geen enkele keer in het verkeersreglement voorkomen. Het woordt aanstalte komt wel voor in de verkeerswet, maar dan nooit in combinatie met een voetganger, wel voor beschonken personen die aanstalten maken om met een voertuig te vertrekken.
Hier is het verkeersreglement:
https://wegcode.be/download/Verkeersreglement.pdf . Ik hoop dat we het erover eens kunnen zijn dat woorden toch minstens één keer in het verkeersreglement voorkomen, vooraleer ze van tel zijn?
Ik zal hier nog even de artikels die van kracht zijn citeren
40.4.2. Op plaatsen waar het verkeer niet geregeld wordt door een bevoegd persoon of door verkeerslichten, mag de bestuurder een oversteekplaats voor voetgangers slechts met matige snelheid naderen. Hij moet voorrang verlenen aan de voetgangers die er zich op bevinden of op het punt staan zich erop te begeven
Dus wanneer je een zebrapad nadert,
moet je per definitie en altijd vertragen tot een matige snelheid. ALTIJD. Ongeacht of en nu een voetganger in de buurt van die oversteekplaats staat of niet.
En wanneer je dat niet doet, maak je gewoon een overtreding.
En ja, ook voetgangers hebben plichten volgens datzelfde verkeersreglement. Maar in het verkeersreglement voor voetganger (artikel 42) staat nergens een specifieke verplichting over hoe een voetganger zich moet gedragen op een oversteekplaats voor voetgangers, terwijl die wel duidelijk gespecifieerd is voor wagens. Dus de volgende algemene bepaling is van kracht
42.4.4. Op de plaatsen waar het verkeer noch door een bevoegd persoon, noch door verkeerslichten geregeld wordt, mogen de voetgangers zich slechts voorzichtig op de rijbaan begeven en met inachtneming van de naderende voertuigen.
Maar een voetganger moet zijn intentie om over te steken dus NIET en op geen enkele manier duidelijk maken. Hij mag zich alleen niet onder een naderend voertuig storten. Maar dat voertuig had volgens de wet ten allen tijde moeten voorrang geven indien die voetganger zich op het zebrapad bevond of op het punt stond zich er op te begeven. En had moeten vertragen tot matige snelheid, zodat hij had kunnen stoppen voor die voetganger.
Stel: voetganger loopt gewoon op het voetpad en loopt toevallig voorbij een zebrapad. Deze voetganger heeft GEEN voorrang — hij moet eerst aanstalten maken, dwz stoppen en met lichaamstaal (kijken naar verkeer op de rijbaan, lichaam draaien zodat hij recht voor het zebrapad staat) duidelijk maken dat hij van plan is over te steken.
Stel: 2 voetgangers staan aan een zebrapad gezellig te keuvelen. Deze voetgangers hebben GEEN voorrang. Opnieuw moeten ze duidelijk maken dat ze niet meer blijven staan, maar de intentie hebben over te steken.
Stel: je oprit (met haag, dus de automobilist die aankomt ziet niet wat er op de oprit gebeurt) ligt vlak tegen een zebrapad. Je bent NIET in je recht als je plots een spurtje trekt en het zebrapad oploopt vanaf je oprit (met haag) waardoor aankomende automobilisten zo goed als geen tijd hebben om te stoppen.
Neen, ze moeten niet duidelijk maken dat ze oversteken. Ze hebben wel voorrang. Ze hebben niet het recht om zich onder dat voertuig te werpen.
Ze moeten er zich dus van vergewissen dat er geen voertuig in aantocht is dat niet tijdig kan remmen. Maar volgens de wet moet ieder voertuig zijn snelheid matigen aan een oversteekplaats.
Voor dit soort situaties staat dat woordje 'aanstalten' er dus in.
Niet dus
Als voetganger ben je inderdaad kwetsbaar en heb je voorrang op een zebrapad. Van een automobilist wordt ook verwacht dat die voorzichtiger is bij het benaderen van een zebrapad. Maar het is niet de bedoeling dat voetgangers een carte blanche krijgen om te doen wat ze maar willen zonder rekening te houden met andere weggebruikers.
Je moet vooral, als automobilist vertragen aan een zebrapad. Altijd en overal. En voetgangers moeten inderdaad voorzichtig zijn, omdat we weten dat de meeste automobilisten zich tot boven de wet achten op de openbare weg.
Sorry, maar als je plotsklaps aan een zebrapad oversteekt terwijl je geen enkele moeite doet zonder links of rechts te kijken dan ben je, los van wat er in de wegcode staat, een aap.
In de wegcode staat dat ze zich ervan moeten vergewissen dat er niemand aankomt.
Ik zal u de situatie schetsen die de aanleiding van die post vormde: Ik rij bij ons in de bebouwde kom rond de 40-45 km/u. In dezelfde richting op het voetpad rechts van mij wandelt een koppel met een hond aan de leiband. Ik ben <5 m van het zebrapad. Het koppel komt op dat moment ter hoogte van het zebrapad, maakt plotsklaps een draai van 90 graden naar links en steekt over. Op geen enkel moment hebben die even naar links gezien of er opkomend verkeer was. Ik ben vol in de rem mogen gaan en met piepende banden gestopt. Koppel: no fucks given.
Maar jij volgt dus ook het verkeersreglement niet. Wanneer je dat koppel 'apen' noemt, wat ben jij dan? Een doodrijder / een wegpiraat? Dit is wat jij moet doen op zo'n plek
40.4.2. Op plaatsen waar het verkeer niet geregeld wordt door een bevoegd persoon of door verkeerslichten, mag de bestuurder een oversteekplaats voor voetgangers slechts met matige snelheid naderen. Hij moet voorrang verlenen aan de voetgangers die er zich op bevinden of op het punt staan zich erop te begeven.
Dat moet je trouwens ook vanuit artikel 7.1
7.1. Elke weggebruiker moet de bepalingen in dit reglement naleven. Onverminderd de naleving van de bepalingen in dit reglement mag de bestuurder kwetsbaardere verkeersdeelnemers niet in gevaar brengen, met name wanneer het gaat om fietsers en voetgangers, inzonderheid wanneer het kinderen, bejaarden of personen met een handicap betreft. Hieruit volgt dat, onverminderd de artikelen 40.2 en 40ter, tweede lid, elke bestuurder dubbel voorzichtig moet zijn bij aanwezigheid van dergelijke kwetsbaardere weggebruikers, of wanneer hun aanwezigheid op de openbare weg kan voorzien worden, in het bijzonder op een openbare weg zoals gedefinieerd in artikel 2.38.
En zij zijn inderdaad niet verstandig om zich niet te vergewissen van de situatie (dat moeten ze ook volgens artikel 42.4.4). Maar vooral niet omdat ze er vanuit gaan dat alle automobilisten de regels kennen en die zouden volgen
Wat is dan uw voorstel? Aan elk zebrapad volledig stoppen omdat er toch maar eens een onnozelaar vanachter een bosje op het zebrapad zou kunnen springen?
Mijn voorstel is de wet volgen, ik zal het nogmaals herhalen
40.4.2. Op plaatsen waar het verkeer niet geregeld wordt door een bevoegd persoon of door verkeerslichten, mag de bestuurder een oversteekplaats voor voetgangers slechts met matige snelheid naderen. Hij moet voorrang verlenen aan de voetgangers die er zich op bevinden of op het punt staan zich erop te begeven.