lol ok, even een pagina voor mezelf claimen

ik ga niet zeggen dat dit waar is maar ik vind het wel een sterke uitleg
hier het hele verhaal :
Geloof het of niet, maar dit verhaal is gebaseerd op prehistorische spijkerschriftteksten. Toen moderne geleerden deze teksten vanaf Sumerische kleitabletten vertaalden konden zij bijna niet geloven dat deze geschriften duizenden jaren voor dat wij ook maar iets van ruimtevaart of het heelal afwisten zijn geschreven. Aanvankelijk durfden zij de vertaalde tekst niet eens te publiceren omdat zij vreesden voor de rest van hun carrière nooit meer serieus zouden worden genomen. Pas toen verschillende vertalers tot de zelfde schokkende conclusie waren gekomen durfden ze dit verhaal op kleine schaal te publiceren. We moeten ons namelijk realiseren dat ver voordat Darwin met de evolutietheorie kwam, en zelfs duizenden jaren voordat de Koran en de Bijbel werden geschreven het nu volgende verhaal is vastgelegd:
In een vergeten verleden, zo ver dat er nog geen levend wezen bestond, was er niets dan donkere leegte en onbreekbare stilte. Ergens in het niets zweefde er een soort kosmisch ei dat een ongelooflijke hoeveelheid geconcentreerde energie bevatte. Toen de druk zo groot werd dat zelfs dit krachtige ei het uiteindelijk niet meer kon houden, explodeerde deze `levenswortel' in een gigantische oerknal.-
HET VOLK VAN NIBIRU
Door exact de juiste omstandigheden op exact de juist gelegen planeten kon er op verschillende plekken in het universum leven ontstaan. Één van deze plekken was ons eigen zonnestelsel waar lang geleden tien planeten toe behoorden. De tiende planeet die wij nu missen zweefde tussen Mars en Jupiter en werd Nibiru, of later ook wel Faëton genoemd. Op deze planeet ontstond er eerder intelligent leven dan op Aarde, dus de mensachtige wezens die op Nibiru leefden waren de Aardse aapmensen dan ook mijlen ver vooruit op kennis en wetenschap. Het volk van Nibiru werd door de eerste Aardmensen als een Godenvolk gezien. Ze noemden ze de `Annunaki' wat staat voor "Hij die van boven naar de Aarde is gekomen" Even na 4000 v Chr. kwam de grote Anu, de president van Nibiru naar de Aarde voor een staatsbezoek. Het was niet de eerste keer dat hij deze ruimtereis maakte. Zo'n 440.000 aardse jaren eerder ( ongeveer 122 Nibiru jaren ) leidde zijn oudste zoon Enki de eerste groep van 52 Annunaki naar de Aarde om daar goud te winnen. Op Nibiru was door een combinatie van schommelingen in de natuur en misbruik van technologie de atmosfeer dusdanig beschadigd en verdund dat het leven daar steeds meer in gevaar kwam. Niet alleen vanwege de in te ademen zuurstof, maar ook vanwege het ernstige broeikaseffect wat er voor zorgde dat de planeet zijn innerlijk opgeslagen warmte niet meer kwijt kon. Wetenschappers concludeerden dat Nibiru alleen van zijn dreigende ondergang gered kon worden door een schild van goudstof in de atmosfeer van de planeet te brengen.
Enki, de briljante wetenschapper, landde in de Perzische golf en vestigde daar zijn basis, Eridu, aan de kust. Zijn plan was om het goud daar uit het water te filteren, maar omdat op die manier niet genoeg goud gewonnen werd nam de crisis op Nibiru schrikbarend toe. Moe van Enki's beloftes dat het project toch nog zou slagen kwam Anu naar de Aarde om de situatie persoonlijk te bekijken. Ook had hij Enlil, zijn troonopvolger, meegenomen. Enlil was dan wel niet zijn oudste zoon, maar omdat zijn moeder, Antu, de halfzus van Anu was kwam Enlil toch het meest in aanmerking als wettige opvolger. Hij was niet zo'n briljante wetenschapper als zijn halfbroer Enki, maar wel een uitstekende administrateur. Enlil was een meedogenloze troubleshooter à la Donald Rumsveld. Annunaki wetenschappers hadden berekend dat er in Zuid Afrika veel goud aanwezig was, maar dat betekende wel hard werken… Bittere argumenten braken uit over het project zelf, maar ook tussen de rivaliserende halfbroers. Anu dacht er zelf over om op Aarde te blijven en één van zijn zoons terug te sturen naar Nibiru om daar te regeren; maar dit idee veroorzaakte alleen nog maar tweedracht. Uiteindelijk gingen ze er om loten.
Enki zou naar Afrika gaan om daar mijnen te beheren en Enlil zou in E.DIN (Mesopotamië) blijven om daar de nodige faciliteiten te bouwen en metalen te verdelen en te verschepen naar Nibiru. Anu keerde terug naar Nibiru en beëindigde zo zijn eerste bezoek.
DE EERSTE MENS
Het tweede bezoek van Anu aan de Aarde was uit nood geboren, en vrij onverwacht. Sinds de eerste landing op Kaap de Goede Hoop was er muiterij uitgebroken onder de Annunaki die in de mijnen naar goud moesten graven. Ze vonden het werk benauwd, te zwaar, te vies, en minderwaardig voor kosmonauten. Ze hadden ook genoeg van alle strubbelingen tussen Enlil en Enki die jaloers op elkaar waren. Enlil’s volgelingen in Zuid Afrika namen Enki als gijzelaar en dachten na hoe ze deze crisis nu snel konden verhelpen want dat het werk door moest gaan was overduidelijk. Een raad van Goden werd met grote spoed bijeen gebracht en Enlil stond er op dat Anu kwam, die meteen gebracht werd, voor de terechtstelling van Enki. Want Enlil verdacht Enki ervan de muiterij te leiden. Alleen de muiters zelf vertelden een ander verhaal; ze vonden het werk veel te zwaar en Anu bergreep het allemaal, omdat ze kosmonauten waren en absoluut geen mijnwerkers. Het werk werd ondragelijk en ze begonnen de pijn te merken. Het werk lag dus stil, alleen de crisis ging maar door, en de problemen werden ernstiger. De raad was ervoor om dit probleem nu op te lossen want er was niet veel tijd, en Nibiru redden was nog steeds de prioriteit.
Al deze belangrijke gebeurtenissen zijn allemaal nauwkeurig bijgehouden en opgeschreven. Ze zijn millennia later aan de Aardmensen verteld omdat de Annunaki vonden dat wij het recht hadden om te weten hoe alles begonnen was. De leiders van de Annunaki stonden al flink onder druk toen de briljante Enki met een oplossing kwam. "We zullen Primitieve Werkers creëren die ons al het zware werk uit handen al nemen!" zei hij tegen een versteld staande groep medewerkers. Hij legde uit dat hij met zijn medische afdelingschef, Ninti Ninharsag, verscheidene experimenten had uitgevoerd met de reeds op Aarde levende aapmensen. Hij wist al dat er een genetische overeenkomst bestond tussen de Annunaki en deze primitieve wezens en zijn plan was om deze gelijkenis te vervolmaken door ze wat van hun eigen genen mee te geven. Zij zouden een nieuw wezen creëren wat uiterlijk op de Annunaki leek, gereedschap kon hanteren en net intelligent genoeg was om hun orders uit te voeren. En zo gebeurde het dat de Lulu Amelu, oftewel de "Gemengde Werker" werd geschapen door een genetische manipulatie en de bevruchting van het eitje van een aapvrouw in een laboratorium.
Deze kruising kon zelf geen kinderen baren, dus de eerste keren moest een Annunaki vrouw steeds als draagmoeder fungeren, en door van elke fout te leren werd Enki steeds behendiger en zijn Gemende Werkers steeds beter en bestendiger. Uiteindelijk ontstond zo het perfecte model, en Enki noemde deze `Adam' , wat een uitmuntende naam was, want in onze taal betekende het `Hij van de Aarde'. En met de kennis die Enki vergaarde schiep hij tenslotte vrouwen die baarden. Nu hadden de Annunaki werkers die zichzelf vermenigvuldigden, en keihard werkten voor hun scheppers en hen nog zelfs vereerden.
De populatie groeide en de mens had snel geleerd, zodat er binnen enkele jaren goud genoeg werd geproduceerd. De zeven werkterreinen waar nu het goud werd gewonnen groeiden uit tot hele steden, versierd met goud en lampionnen. De mens bleek inventief en werkte steeds zelfstandiger. De 600 leiders op Aarde werden steeds luier en losbandiger, net als de 300 man Annunaki welke waren gestationeerd op satellieten. Zij genoten ook steeds meer vrijheid, en ze raakten aan een makkelijk leven gewend en namen Aardse vrouwen ondanks het protest van Enlil die ze uit elkaar wilde houden want ze kregen een nieuw soort kinderen. Deze vermenging van beide rassen, die een nieuw soort Aardse mensen voortbracht, was van een hogere klasse dan Enlil in gedachten had. Hij wou dit beëindigen ook al dacht hij: "Het begon goed" Maar aan alles kwam al een einde door het begin van de zondvloed…
DE ZONDVLOED
Door wetenschappelijke observaties was het voor de Annunaki al geruime tijd bekend dat de ijskap die zich op het Antarctische continent opbouwde onstabiel aan het worden was. De eerstvolgende keer dat Nibiru de Aarde zou passeren tussen Mars en Jupiter zou zijn graviteit waarschijnlijk het wegslippen van een enorme ijsmassa betekenen. Dit zou een wereldwijde vloedgolf te weeg brengen die alle oceanen en de Aardtempratuur abrupt zou veranderen en allerlei cyclonen en orkanen zou veroorzaken. In overleg met Anu gaf Enlil opdracht alle ruimteschepen klaar te maken voor een totale evacuatie van de Aarde. "Maar wat moeten we dan met de mensen doen?" vroegen Enki en Ninharsag zich af. "Laat de mens maar omkomen!" zei Enlil.
Hij liet alle Annunaki zweren dit geheim te houden zodat de mensen niet in paniek hun evacuatieplannen zouden belemmeren. Enki legde de eed af met tegenzin, maar zocht toch naar een andere oplossing. Terwijl hij net deed of hij tegen een muur praatte gaf hij zijn trouwe volger Ziusudra instructies om een Tibatu of Sulili te bouwen. Dit was een rond soort schip wat zowel boven als onder water kon varen. Hij vertelde Ziusudra hier met zijn hele familie in te gaan en genoeg verschillende beesten mee te nemen om een lange tocht te kunnen overleven. Hij gaf hem navigatie instrumenten en droeg hem op het schip naar de opvallende tweepuntige berg “Ararat" in het Oosten te varen. Zo hoopte Enki dat het Aardse leven toch niet helemaal zou uitsterven. Tegen de tijd dat deze ramp plaats vond waren er niet alleen halfgoden op Aarde. Sommige Annunaki hadden op Aarde kinderen gebaard die in zekere zin ook een soort "Aardlingen" waren. Sommige gingen mee terug naar Nibiru, maar andere bleven samen met de overige Annunaki in een baan om de Aarde draaien. Zo werkten zij de suggestie dat zij niet voorgoed vertrokken, maar vanaf boven de situatie in de gaten bleven houden. En dat deden ze inderdaad. Nadat een immense vloedgolf over de Aarde was gestroomd en alle regenbuien weer gestopt waren, verschenen de hoogste bergtoppen weer in de eerste zonnestralen die, door de vele regenwolken, overal regenbogen veroorzaakten.
Sinds de zondvloed was Nibiru nog een keer langs de Aarde gekomen. Belangrijke overlevingsmaterialen werden naar de Aarde gebracht, maar weinig van waarde werd er teruggezonden. Het werd nu noodzakelijk om naar verborgen metaaladers te zoeken, tunnels en schachten te graven en rotsen op te blazen. De mens moest met zwaar gereedschap uitgerust worden om het goud te bemachtigen wat de Annunaki met hun laserstralen blootlegden. Gelukkig had de overstroming ook nog positieve kanten, want het had verschillende goudaders blootgelegd, uitgewassen en zo de rivierbeddingen met goudklompjes, grind en blubber opgevuld. Dit goud was makkelijker te pakken te krijgen, maar ook moeilijker te bereiken en te vervoeren. Vooral aan de andere kant van de grote oceaan lag er veel van dit soort goud voor het grijpen, dus de Annunaki zochten al naar een manier om dit te verschepen.
Nu Nibiru weer zo vlak bij de Aarde stond kwam ook de grote Anu weer op staatsbezoek samen met zijn echtgenoot Antu. Anu wou zien hoe de mens nu met de zware metalen werktuigen werkte en hoe de operatie aan de andere kant van de wereld verliep. Hij wou ook zien of er alweer genoeg goud was opgeslagen om een volle scheepslading naar Nibiru te sturen. Om indruk op Anu te maken hadden de Annunaki aan de andere kant van de grote oceaan de gouden stad `Uruk' gebouwd. In Zuid Amerika zijn nog verschijnende restanten van dergelijke `gouden steden' te bezichtigen. Na het jaar 4000 voor Christus en het laatste bezoek van Anu is er niet zo veel meer van het Annunaki verhaal bekend. Wel is duidelijk dat de Annunaki weer plotseling uit het gezicht zijn verdwenen en dat Nibiru op een gegeven moment een ramp is overkomen. Vermoedelijk was al het harde werk om Nibiru te redden tevergeefs geweest. De mens was weer aan hun lot overgelaten en moest alles voortaan op eigen krachten zien te redden.
Nu dit verhaal bij het heden is aangekomen zijn we tegelijkertijd op het punt van omschakeling gekomen. We kunnen niet langer terugkijken om de gebeurtenissen zo precies mogelijk te herconstrueren, maar zijn vanaf nu overgeleverd aan profetische voorspellingen en wetenschappelijke berekeningen…
DE GROTE VRAAG
Egoïsme en materialisme, twee van de grootste zwakheden van de mens blijken ook onze grootste vijand te worden. Wij leven nu in het begin van de derde millennium. Vervuiling, overbevolking, woningsnood en werkloosheid dreigen onze ondergang te worden terwijl aan de andere kant de technologische ontwikkeling nooit eerder zoveel perspectieven in zicht heeft gebracht. Zal de mens uiteindelijk onontkoombaar ten onder gaan of vinden we op de valreep nog een alternatief?
HET EINDE DER TIJDEN
Hoe het de mens ook verder zal vergaan, aan het heelal zoals wij dat kennen zal in de verre toekomst toch een einde komen. Het is nu al zo'n twaalf miljard oud, maar op de tijdschaal van de kosmos stelt dit niet zo veel voor. Het heelal is dus in verhouding nog vrij jong en de naweeën van de oerknal zijn nog steeds merkbaar. Het levensvuur brand nog maar net en de brandstof is nog lang niet uitgeput. Maar ooit zal al het gas in de ruimte verbruikt zijn en is de vorming van nieuwe sterren niet langer mogelijk. Over vijf miljard jaar zal de zon doven, en is het leven op aarde niet langer mogelijk. Sterren die kleiner en lichter zijn dan onze zon kunnen het nog vele honderden miljarden jaren volhouden, maar op de lange duur zullen zij ook uitdoven. Over ongeveer één biljard jaar gaan alle lichtjes in ons heelal uit en zullen de ooit zo wonderbaarlijke sterrenstelsel zijn veranderd in lugubere kerkhoven van dode sterren. Langzaam maar zeker zullen deze overblijfselen uiteen vallen. Toevallige ontmoetingen tussen sterren veroorzaken dat één van de twee extra energie krijgt en aan de zwaartekracht van zijn stelsel ontsnapt. De andere zal energie verliezen en naar het middelpunt van het stelsel zakken, waar kolossale zwarte gaten zullen ontstaan. Planeten zullen worden losgerukt uit de zwaartekrachtsgreep van hun al dan niet overleden moederster en over één triljoen jaar is er van de oorspronkelijke grote schaal structuur van het heelal niets meer over. Als in de verre toekomst zelfs de materie zal vervallen blijven de zwarte gaten als laatste over. Als deze uiteindelijk zullen samenkomen komt er een eind aan het bestaan van de laatste objecten in het heelal. Net als in de allereerste fractie van een seconde na de oerknal zal de macrokosmos alleen nog maar uit microkosmos bestaan. Slechts een beangstigend leeg heelal blijft er over…