De extreem lage rente maakt vastgoedbeleggingen erg populair. Dat is niet zonder risico. Niet voor de beleggers, en niet voor de banken die de vastgoedkredieten verstrekken.
De bank-verzekeraar KBC verlaat een van zijn kantoorgebouwen aan de Havenlaan in Brussel. Het is gekocht door een projectontwikkelaar die er wellicht appartementen gaat neerzetten. Om ze vervolgens te verkopen. Er wordt tegenwoordig veel reclame gemaakt voor dat soort nieuwbouw-vastgoed, dat aangeprezen wordt als een bijzonder interessante belegging: moderne appartementen die tegen hoge prijzen kunnen worden verhuurd aan expats in de hoofdstad, of gloednieuwe studentenkamers in Leuven, Brussel en andere studentensteden. Het is een business die boomt.
Het zijn niet alleen grote beleggers die in zulke projecten investeren, ook particuliere beleggers worden naar vastgoed gedreven. Door de lage rente. Een spaarboekje brengt niks meer op, een staatsbon evenmin, en obligaties ook heel weinig. En aandelen zijn riskant, is de jongste weken nog eens gebleken. Rest alleen nog de ‘zekere’ vastgoedbelegging, met een toch behoorlijk rendement, redeneren veel beleggers.
Dat ze zich massaal op vastgoed storten, is een rechtstreeks gevolg van het goedkopegeldbeleid van de ECB. De grote beleggersinteresse drijft de prijzen op, de vastgoedontwikkelaars wrijven zich in de handen. Maar op welke manier komt die vastgoedkoorts de reële economie ten goede?
Uit cijfers van de banken blijkt dat van alle vastgoedkredieten die ze verstrekken 20 procent dient om de aankoop van een tweede woning te financieren. De helft daarvan wordt gekocht om te verhuren. Beleggingsvastgoed dus. Voor de aanschaf daarvan wordt zelfs meer geleend dan voor de aankoop of de bouw van een eigen woning. Waarom niet? De kredieten zijn spotgoedkoop - en voor een stuk zelfs fiscaal aftrekbaar - en met de huurinkomsten kan de lening worden afbetaald. Een bijzonder makkelijke manier om rijk te worden, lijkt het wel.
Wie geld leent om in aandelen te beleggen, heet een dwaze speculant te zijn. Wie hetzelfde doet om in vastgoed te beleggen, zou een goede huisvader zijn. Al te vaak worden de risico’s van een vastgoedbelegging onderschat: het pand kan onverhuurd blijven, de rentelasten kunnen stijgen (bij een krediet met variabele rente) en de waarde van het vastgoed kan (fors) zakken.
De banken springen enthousiast op de kar van de vastgoedkredieten. Het is voor hen een manier om nog enige winst te realiseren op het spaargeld dat ze goedkoop aantrekken. Maar zich al te ver engageren in vastgoedfinanciering houdt voor de banken een gevaar in. Want wat als de zeepbel barst? Het zou lang niet de eerste keer zijn dat slechte vastgoedkredieten een bank aan het wankelen brengen. Ter herinnering: een vastgoedcrisis in de VS lag aan de basis van de verwoestende wereldwijde bankencrisis van 2008.
De Nationale Bank, als bankenwaakhond, is zich bewust van het risico en probeert terecht een rem te zetten op de groei van vastgoedkredieten. Een teveel aan bakstenen kan de banken immers zwaar op de maag liggen.