Oefent u een activiteit uit in verband met uw eigen bezit?
Een activiteit valt onder het gewone beheer van uw eigen bezit en mag worden gecumuleerd met het recht op uitkeringen als ze aan de volgende voorwaarden voldoet:
- de activiteit is niet daadwerkelijk ingeschakeld in het economisch ruilverkeer van goederen en diensten en wordt niet uitgeoefend met het oog op het verkrijgen van een opbrengst;
- de activiteit maakt het mogelijk de waarde van uw bezit te behouden of matig te doen toenemen;
- de activiteit is niet te omvangrijk en vormt voor u geen beletsel om een betrekking uit te oefenen of te zoeken.
U mag dus bijvoorbeeld:
- alle huishoudelijke taken verrichten, een moestuin bebouwen en onderhouden, als u de oogst ervan niet verkoopt;
- onderhouds- en herstelwerken aan een gebouw verrichten met het oog op het behoud of de verbetering van uw comfort (zoals herschilderen of behangen).
Maar als de activiteit die u voor eigen rekening uitoefent verder gaat dan het normale beheer van uw eigen bezit, kan ze niet worden gecumuleerd met werkloosheidsuitkeringen (ongeacht de dag – zelfs in het weekend - en het uur waarop ze wordt uitgeoefend).
U
mag bijvoorbeeld geen werken uitvoeren:
- die de waarde van het bezit aanzienlijk verhogen (bv. een garage of een bijgebouw optrekken);
- met het oog op het verhuren of verkopen van een gebouw.
In dat geval moet u aangifte doen van de niet-cumuleerbare activiteit, zelfs als u de activiteit uitoefent op een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag (en ongeacht het uur of de uren waarop u de activiteit uitoefent, de duur van de prestatie en de vergoeding die er uit voortvloeit).
U moet aangifte doen van die niet-cumuleerbare activiteit vóór u de activiteit aanvat, op uw papieren of elektronische controlekaart of gebruik maken van het formulier C99 als u geen controlekaart heeft.
Om te weten of de activiteit die u van plan bent voor eigen rekening uit te oefenen, mag worden gecumuleerd met werkloosheidsuitkeringen, kunt u vooraf aan de directeur van het RVA-kantoor een schriftelijk antwoord vragen via het formulier C45 C (dat kunt u opvragen bij uw uitbetalingsinstelling).