Maar het gaat hier over de context van een journalistiek medium he. Als een journalist een artikel over Carlos Bacca schrijft, dan lijkt het me toch logisch dat die even gaat opzoeken uit welk land die precies afkomstig is, en niet gewoon "Zuid-Amerikaan" schrijft. In de context waar jij het over hebt, is er effectief geen enkel probleem met Bacca een Zuid-Amerikaan te noemen.Wel vind ik bepaalde zaken nogal tegenstrijdig. Enerzijds zie ik weinig mis in iemand benoemen naar het continent vanwaar die komt. Het voorbeeld over voetballers, je weet toch vaak niet, vnl wanneer je zelf van een ander continent bent, van welk land een speler exact is, pakweg Colombia of Venezuela? Dan noem je die al snel een Zuid-Amerikaan. Is vaak zelfs ook nog meer regiogebonden, bv een Scandinaviër of Noord-Afrikaan. Ik zie daar weinig problemen in eigenlijk.
Opnieuw: binnen de context van de journalistiek. Er wordt jou niet gevraagd om zelf die begrippen niet meer te gebruiken. Maar vind je nu zelf niet dat in een journalistiek artikel, het accurater, concreter, juister is wanneer de journalist schrijft over tachtigers in plaats van over bejaarden? Over personen in armoede in plaats van over armen?Ik ga er van uit dat die redactionele richtlijnen tot stand komen na overleg binnen de redactie en dus een weerspiegeling zijn van hun visie op de maatschappij. De rode woorden op die lijst worden niet meer gebruikt omdat ze als kwetsend (kunnen) worden ervaren. Er staan woorden tussen waarvan ik zeker begrijp dat er een probleem is. Neem nu neger of zelfs allochtoon. Maar in diezelfde lijst komen in diezelfde kleur ook woorden als bejaarde, geaardheid, of armen voor. Dat zijn woorden die ik zelf meermaals gebruik.
Maar je focust teveel op de idee dat het hier gaat om een soort Index, waarbij elk woord dat ze liever niet meer gebruiken in hun artikels puur taboe is, waarbij elk woord om dezelfde reden niet meer wordt gebruikt. Dat is niet zo. Ook over twintig jaar gaat 'bejaarde' niet de bijklank (of hoofdklank) hebben dat "negerke" nu heeft.Het is moeilijk om dit objectief uit te drukken omdat het over een subjectief gevoel gaat. Het is een gevoel van onbegrip voor de manier waarop taal in de maatschappij aan het evolueren is. Ik grijp terug naar een herinnering over mijn onthaalmoeder, een oude missiezuster, in de vroege jaren 1990. Toen spaarden we nog de zilverfolie van onze Leo koeken voor de negerkens van den Congo. De manier waarop zij over die negerkens sprak was voor haar compleet normaal.
Soms vraag ik mij af of ik binnen 20 jaar ook ga bekeken worden omdat ik nog spreek over de bejaarden in het tehuis. Omdat de taalevolutie mij is voorbij gestoken.
En ja, taal evolueert. De maatschappij evolueert. Voor velen gaan bepaalde evoluties bevreemdend aanvoelen, en voor anderen dan weer logisch. Da's normaal en van alle tijden. Tegen de evolutie naar raciale of andere identitaire eigenaarschap van woorden ga ik me altijd verzetten. En hard. En het is absoluut ridicuul om mensen te beoordelen op basis van het gebruik van begrippen die nog volop in evolutie zijn. Maar in het eerste geval gaat het maar om een tweetal woorden uit heel dat artikel, en in het laatste geval - bijvoorbeeld voor het begrip 'bejaarde' - betwijfel ik zéér hard dat er jou daar iemand ooit op gaat aanspreken.