Pfffff, hier de ene meltdown na de andere, quasi elke avond hetzelfde liedje.
De temperatuur is eindelijk gezakt naar 24,8°C, maar de afgelopen dagen zaten we aan 32–35°C en onze kleine lijkt nog altijd in oververhitte drama‑modus te zitten.
Vanaf een uur of zeven begint het: eerst dat eeeeiiiii‑gejammer, dan nog eens eeeeiiiii, en als we haar niet meteen oppakken… BOEM, volledige meltdown alsof de wereld vergaat. Borstvoeding weigeren, overstrekken, krijsen alsof we haar levend villen, terwijl er letterlijk niks mis is.
Geen honger, geen kou, geen hitte, niks.
Ik durf het geen dag meer te zeggen tegen de rechtstreekse buren. Die slapen net als wij met de ramen open in dit weer, tenminste als onze kleine hen laat slapen… Omdat we letterlijk naast het epicentrum liggen, zijn we ondertussen gewapend met L00p‑earplugs om de decibels toch wat te temperen.
Het voelt alsof wij de enigen zijn met zo’n baby. Iedereen rondom ons lijkt een zen‑boeddha‑baby te hebben die rustig ligt te kirren, terwijl wij elke avond een mini‑orkaan moeten trotseren.
Wij maar rondwandelen met haar in onze armen, ramen open, zuchten, zweten, hopen dat ze eindelijk crasht in slaap.
De ene crisis na de andere.
Elke.
Avond.
Wie nog in dezelfde hel zit: mijn medeleven, ge zijt niet alleen.