Op een druilerige namiddag in Saint-Josse-ten-Noode schuift de Spaanse toerist Diego aan bij een frituur waar de dampen van hete olie als heilige wierook uit het luik walmen. Naast hem staat Befferke, een rasechte Belg met een sjaal in de kleuren van de nationale vlag, ne enorme bobbel ter hoogte van zijn ritssluiting die de lengte en dikte van ne cervela XXXXL verraadt én een enorme lege frietbak al in de aanslag me ne ferm stuk in zijn kloten na het nuttigen van zo'n 17 flessen Stella Artois in ne tijdspanne van nen uurke. Diego kijkt vol ongeloof hoe Befferke ne familiepak frites, ne vuurvreter, 2 bouletten, ne zigeunerstick, bruine playboy en 2 sito's bestelt, voor zichzelf. “Madre mía, amigo… elke dag frites met al die vlezekes? Waarom doe je dat jezelf aan?” Befferke draait zich langzaam om, alsof Diego net gevraagd heeft waarom de zon opkomt. “Waarom? Omdat het moet, man. Dat is… cultuur!” Diego fronst. “Cultuur? Wij hebben flamenco, jij hebt… frites?”
Befferke bekijkt Diego strak en verontwaardigd aan. “Niet zomaar frites eh salopard de mes couilles! De reden dat de Belgische grond niet wegspoelt bij regen: te veel frietvet in de bodem.” Diego lacht. “Maar… het is gewoon gebakken aardappel!” Befferke knijpt zijn ogen tot spleetjes. “Gewoon? Zoudt ge ook tegen een diamant zeggen dat het maar een steentje is?”
"Dit is de nationale ruggengraat. "Als ge een Belg opensnijdt, komt er geen bloed uit, maar warme vetdruppels met een vleugje zout.”
Maar waarom iedere dag? In Spanje hebben we tapas, paella, churros. Wij eten gevarieerd!”
Befferke slurpt aan zijn zoveelste wachtpint en zegt:
“Variatie is overrated. Wij hebben de frietkot-Bermudadriehoek: friet, mayonaise en stoofvlees. Wie erin verdwijnt, keert gelukkig nooit terug.”
Sylvie'tje roept: “Mayonaise of stoofvleessaas chouke?” Befferke: “Allebei, het land rekent op mij!”
Diego zucht. “Ik ga het nooit begrijpen, en al zeker niet hoe de dessertjes hier worden aangeboden met de nodige blote kontjes en tetten van de frituurdames ”
Befferke tikt met zijn friet tegen Diego’s schouder, alsof hij hem tot ridder slaat.
“Dat hoeft ook niet, amigo. ’t Is een Belgisch ding. Je zou het toch nie begrijpen.”
Diego neemt uit nieuwsgierigheid een friet, bijt erin… en zijn ogen worden zo groot als de Atomium-bollen.
“Santa patata! Dit is goddelijk!”
Befferke grijnst, steekt een extra friet in Diego’s mond en fluistert triomfantelijk: Voilà, ge zijt nu officieel 20% Belg. Het vet in uw aders wordt morgen geleverd.”