zarathustra zei:
Ace Of Spades, vanaf het jaar 0 ongeveer tot nu is het allemaal redelijk ' logisch ' te verklaren waarom de dingen gegaan zijn hoe ze gegaan zijn.
Maar is er een of andere reden waarom azië-midden oosten- europa zo ver waren ( toen al) en dat over heel (noord en zuid) amerika men blijkbaar was blijven steken? Mijn eerste gok zou iets zijn in de zin van godsdienst, maar waarom zouden er zich 3-4 grote godsdiensten ontwikkelen in Eurazië en geen enkele in amerika? Ik zie geen specifieke geografische factoren ofzoiets.
Behalve misschien dat mensen meer geneigd zijn oost <-> west te doen dan noord <-> zuid? Ik vind het maar vreemd ^^
Dat is een heel goede vraag, eerlijk gezegd weet ik het antwoord daar zelf ook niet goed op. Misschien dat de verklaring hier eerder moet gezocht worden in de lijn van het (reeds eerder geciteerde) werk van J. Diamond?
mig el pig zei:
Neen, we hadden kolonies omdat we machtig waren. De handel tussen Europa en zijn kolonies is ook altijd redelijk beperkt gebleven. (Er zijn zelf meer aanwijzingen dat het hebben (en proberen te bekomen) van kolonies Europese groei heeft vertraagd.)
16de /17de eeuw: Specerijen en Zijde (goud en zilver was eerder toevallige bonus, sommige conquistadores buiten beschouwing gelaten)
18/19de eeuw: Katoen, suiker en later rubber en olie.
Meeste Europese grondstoffen import gedurende de 18d en 19de eeuw kwam uit Europa zelf. Vb: Engelse steenkool naar Frankrijk, Noors hout naar Engeland, Zweeds ijzer naar Duitsland, Russische Hennep naar Engeland.
De grote transcontinentale grondstoffenhandel is pas begonnen na 1960 (toen alles behalve Portugese kolonies al onafhankelijk waren ) toen er grote genoeg vrachtschepen waren.
Sommige strategische producten werden dus inderdaad uit de kolonies gehaald maar in tijden van noodzaak kon er soms zeer snel alternatieven gevonden worden. Kijk maar naar Engeland tijdens napoleontische oorlogen waarbij suikerriet vervangen werd door suikerbiet of Duitsland tijdens WO1 en WO2 die synthetische rubber zijn beginnen aanmaken.
Dat klopt, maar ik zou willen aanbrengen dat het goud en zilver uit de Spaanse kolonies toch niet geheel en al een 'toevallige bonus' waren - dat was nl. zowat het enige waartegen men in Indië die luxeproducten (specerijen, zijde, porselein, etc.) wou ruilen (zie ook hier weer de
Manila-galjoenen). Vóór de ontdekking van Amerika werd het grootste deel van het (relatief weinige) edelmetaal dat in Europa aanwezig was steevast naast het Oosten verscheept in ruil voor die luxe-producten, nu was het vnl. uit die (nieuwe) kolonies afkomstig.
Dat goud en zilver vormden weliswaar maar een (klein) deel van de goederen die Spanje verhandelde, maar ze vormden wel een integraal fundament van hun handelsnetwerk in de 16de eeuw en ook later (zie bv.
de Spaanse zilvervloten). De rijkdom van Spanje in die (16de) eeuw was dan ook voor een deel uit dat goud en zilver afkomstig, maar helaas werd die rijkdom aangewend voor het uitvechten van (dure) oorlogen in plaats van economische innovatie en het oprichten van een middenklasse die zichzelf kon ondersteunen (en instaan voor economische groei). Voor de andere Europese landen speelden deze edelmetalen veel minder een (belangrijke) rol, en al helemaal in de 18de en 19de eeuw.
Ik wil daarmee uiteraard niet beweren dat die grondstoffen een cruciale rol speelden in de verwerving van de hegemonische positie van Europa (of dat ze dé voornaamste reden of aanleiding waren voor de kolonisatie), maar ze hebben er wel deels toe bijgedragen. Los daarvan heb je inderdaad gelijk.