Tijdens het
Beleg van Antwerpen had de
Staatse vloot op verschillende manieren tevergeefs geprobeerd om de belegerde stad te
ontzetten. De stad was intussen door een grote
schipbrug (Parma's brug) geblokkeerd voor de scheepvaart. In de maand april hadden de Antwerpenaren nog een poging ondernomen die brug op te blazen, waarvoor de schepen "Fortuin" en "Hoop" waren uitgerust. In de ruimen van de schepen bevonden zich grote gemetselde
gewelven, met muren van een meter dikte, gevuld met
buskruit. Het schip werd beschermd met schuin geplaatste blauwe grafstenen om vijandelijke kogels te kunnen afweren. Daarnaast werd het ruim gevuld met molenstenen.
[3] Door het gebruik van een
vuurslag met een uurwerk kon men het buskruit op een gewenst uur laten ontploffen. Om Parma's troepen te misleiden lieten ze eerst
branders afdrijven naar de brug, daarnaast tweeëndertig platte schuiten die weer voorzien waren van een uurwerk, die van half uur tot half uur zouden branden. Voor de zekerheid zouden enkele met buskruit gevulde schuiten ("duikelaars" genoemd) naar de brug worden afgedreven die zodra ze de brug raakten in de lucht zouden vliegen. De Spanjaarden die vernomen hadden, dat er "iets" zou gaan gebeuren, kwamen in groten getale nieuwsgierig kijken naar het schouwspel. (Zelfs Parma wilde gaan kijken, maar die werd tegen zijn zin op grote afstand gehouden.) De explosies waren gigantisch:
"ghevende soo vreesselycken slach dat Hemel ende Aerde scheen te vergaen, oock mede in het water, dat het water over den Dyck vlooch, ende vulde het Fort van Calloo ende de Velden rondtomme, dat men daer tot de knien in het water stondt, ende alle vyer ende lonten uytbluste."[3] Dertienhonderd mensen (vriend en vijand) kwamen bij de enorme explosies om het leven, waaronder de bekende
Caspar de Robles. Alhoewel een explosie de nabijgelegen schans had ondersteboven geworpen, had de brug daar nauwelijks onder geleden, de beperkte schade had Parma binnen drie dagen kunnen laten herstellen.
[5] De laatste hoop op ontzet was nu gericht op de verovering van de Kouwensteinsedijk. Als de
staatsen erin zouden slagen om de Kouwensteinsedijk te veroveren zou Parma's brug zelfs nutteloos zijn. Parma's troepen zouden dan verdrinken, of minstens gedwongen zijn om het beleg op te breken.
[6]