Zo werkt een samenleving.
...
Een beetje respect: dank u!
Voor mij gaat het vooral om de instandhouding van een politiek systeem dat decennialang door oudere generaties is aanvaard zonder echt structureel verzet. Niet omdat “boomers” individueel schuld hebben, maar omdat het systeem waarin ze leefden zich kon vastzetten dankzij electorale stabiliteit en een overheid die zichzelf steeds dieper heeft ingegraven.
Nieuwe generaties erven daardoor een politiek landschap dat quasi onveranderbaar lijkt: een log apparaat, een fiscale structuur die niemand durft hertekenen, een sociale zekerheid die op automatische piloot draait, en een politieke klasse die vooral bezig is met het beheren van het bestaande in plaats van het hervormen.
Dat is geen verwijt aan één leeftijdsgroep, maar wel een vaststelling: wie lang genoeg in een systeem leeft, begint het te zien als “normaal”, zelfs wanneer het al lang niet meer werkt voor iedereen.
Wat mij stoort in de generatiediscussie is dat het vaak wordt herleid tot karikaturen: boomers zouden alles hebben opgegeten, jongeren zouden alles willen zonder inspanning. Dat soort slogans helpt niemand vooruit. Het echte probleem is dat structurele hervormingen decennialang zijn uitgesteld, waardoor elke generatie nu tegen dezelfde muur loopt:
- een overheid die amper nog beweegt,
- een politiek die vooral beheert in plaats van vernieuwt,
- en een systeem dat zo complex is geworden dat elke verandering meteen als “onmogelijk” wordt bestempeld.
Daarom reageer ik op jouw quote: niet om boomers te bashen, maar om te benadrukken dat het politieke immobilisme waar we vandaag mee zitten, niet uit de lucht is komen vallen. Het is het resultaat van jarenlange electorale rust, een gebrek aan hervormingsdrang, en een overheid die zichzelf heeft vastgeschroefd in procedures, structuren en belangen.
En ja, wanneer je dat systeem vandaag probeert te veranderen, bots je op een muur die generaties lang is gebouwd. Jongeren en werkenden moeten functioneren binnen een model dat ze niet hebben ontworpen, maar waar ze wel de rekening van betalen.
Dat is voor mij de kern:
niet “boomers zijn het probleem”, maar het feit dat het systeem dat hen gediend heeft, nu iedereen verstikt, en dat echte verandering daardoor bijna onmogelijk is geworden.
Wat had er gerealiseerd kunnen worden als het systeem niet vastgeroest was?
1. Een volledige fiscale hervorming
België draait nog steeds op een belastingmodel uit de jaren ’70–’80.
Met meer hervormingsdruk had men kunnen realiseren:
- lagere lasten op arbeid, hogere lasten op kapitaal;
- een transparant, eenvoudig systeem i.p.v. het huidige kluwen;
- een model dat werk lonender maakt en ondernemerschap stimuleert.
2. Een slankere, efficiëntere overheid
België is wereldkampioen institutionele versnippering.
Met meer politieke durf had men kunnen:
- overheidslagen schrappen,
- administraties fuseren,
- een overheid bouwen die sneller beslist en minder kost.
3. Een toekomstbestendig pensioensysteem
In plaats van pleisters had men kunnen kiezen voor:
- een Scandinavisch puntensysteem,
- een eerlijkere verhouding tussen bijdragen en uitkeringen,
- een model dat demografische schokken aankan.
4. Een echte woningmarkt‑hervorming
Met meer hervormingsbereidheid had men kunnen:
- bouwvergunningen versnellen,
- speculatie en leegstand aanpakken,
- sociale huisvesting moderniseren,
- fiscale voordelen hertekenen zodat starters niet worden weggeconcurreerd.
5. Digitale modernisering van de staat
België had een Estland kunnen zijn.
Met meer druk op modernisering had men kunnen:
- administratie volledig digitaliseren,
- papieren procedures afschaffen,
- een overheid bouwen die realtime werkt i.p.v. met formulieren uit 1998.
6. Een politieke reset zoals in andere landen
Niet gewelddadig, maar wel structureel — zoals:
- de Franse Revolutie die het ancien régime wegveegde,
- de Roemeense omwenteling die een verstikkend systeem beëindigde,
- Scandinavische hervormingsgolven die hele sectoren hertekenden.
Zo’n institutionele reset “dit werkt niet meer, we bouwen het opnieuw”, is hier nooit gekomen.
Door decennialang te kiezen voor stabiliteit boven hervorming, hebben boomers, bewust of onbewust, een systeem laten verharden dat nu niet meer meegroeit met de samenleving.
Dat immobilisme was toen misschien comfortabel, maar is vandaag wél een probleem: het maakt echte verandering bijna onmogelijk.
Ook al profiteerde ik natuurlijk onrechtstreeks mee van de boomerperiode via mijn ouders, dat verandert niets aan het feit dat hun politieke immobilisme vandaag wél een probleem vormt.
Ik heb als kind kunnen genieten van dingen die dankzij hun generatie mogelijk waren:
- stabiel onderwijs zonder structurele crisissen,
- betaalbare gezondheidszorg,
- een woningmarkt die nog niet ontspoord was,
- een robuust sociaal vangnet,
- een overheid die nog functioneerde, traag maar niet verlamd.
Dat gaf mij een jeugd zonder constante onzekerheid.
Maar als 38‑jarige zie ik vooral de
keerzijde: het systeem dat mij als kind beschermde, is nu zo vastgeroest dat het mijn toekomst eerder belemmert dan ondersteunt.
Ik erf een politiek landschap dat nauwelijks nog hervormbaar is, een fiscale structuur die niemand durft hertekenen, een woningmarkt die volledig is dichtgeslibd, en een overheid die vooral bezig is met het beheren van haar eigen inertie.
Dus ja, ik heb geprofiteerd van wat boomers hebben opgebouwd, maar ik betaal nu de prijs voor wat ze
niet hebben hervormd.
Dat is de realiteit van mijn generatie: we kregen de voordelen als kind, maar de nadelen als volwassene.