Brussel – Stretchen voor en na de sport levert niks op. Het voorkomt geen spierpijn achteraf, en het beschermt niet tegen blessures.En als je ‘koud’ stretcht, loop je zelfs risico op scheurtjes. Dat staat (nu ook, n.v.wvm/voltraweb) in een grote Australische studie, en wordt door Vlaamse experts haast volmondig beaamt.
Je ziet ze dagelijks: joggers met één been op de schutting, of die uit alle macht een boom lijken omver te willen duwen. Het heet stretchen, en het is al sinds jaar en dag onlosmakelijk met sportbeoefening verbonden. Het zou een wondermiddel zijn tegen stramheid achteraf, en doordat het je spieren uitrekt en versoepelt, zou het je ook behoede, voor kwetsuren. Flauwekul, zeggen ze nu aan de universiteit van Sidney. Het helpt niet voor die dingen en bij ongeoefende sporters kan het zelfs kwaad.
“Klopt voor het grootste deel”, zegt professor Romain Meeusen van de VUB – coördinator van het Brussels Labo voor Inspanning en Topsport.. “Wat de vermindering van de spierpijn betreft, bestaat er zelfs grote wetenschappelijke eensgezindheid: dat doet het niet, punt uit. Je goed opwarmen en mooi gedoseerd sporten: dat is het enige dat helpt.”