Archief - Onderwijshervorming

Het archief is een bevroren moment uit een vorige versie van dit forum, met andere regels en andere bazen. Deze posts weerspiegelen op geen enkele manier onze huidige ideeën, waarden of wereldbeelden en zijn op sommige plaatsen gecensureerd wegens ontoelaatbaar. Veel zijn in een andere tijdsgeest gemaakt, al dan niet ironisch - zoals in het ironische subforum Off-Topic - en zouden op dit moment niet meer gepost (mogen) worden. Toch bieden we dit archief nog graag aan als informatiedatabank en naslagwerk. Lees er hier meer over of start een gesprek met anderen.

jonaske_

Legacy Member
SinDweller zei:
Zou ik niet doen. Je zit immers met een richting die de huidige Moderne op alle vlakken evenaart of verbetert, maar die steek je dan wel in TSO? Dat gaat niet, hé.

Ik zou het basispakket hetzelfde houden zoals het nu is voor het gehele ASO, d.w.z. in het eerste jaar 5 uur wiskunde voor iedereen. De 5 uur die in de Latijnse aan Latijn wordt gespendeerd zou ik in andere richtingen opvullen met bv. 5 uur Chinees voor een nieuwe richting 'Chinees', 2 uur Duits, een extra uur Frans en reeds in het eerste jaar 2 uur Engels voor een nieuwe richting 'Moderne Talen', of een module voor een nieuwe richting 'Wetenschappen' met een uurtje extra wiskunde, een uurtje extra biologie, 1 uur extra T.O., en dan 2 uur voor een nieuw vak waarin de absolute beginselen van chemie en eventueel fysica wordt gegeven, met lekker veel experimentjes uiteraard. Verder zou je misschien ook al kunnen overwegen om in het eerste jaar een richting te creëren waarin ze al beginnen met een zekere vorm van economie, al zal dit zonder degelijke basis wiskunde uiteraard moeilijk liggen. Zo krijg je uiteindelijk ipv de keuze 'Latijn of geen Latijn', waarin geen Latijn uiteindelijk geen enkele meerwaarde biedt aangezien ze er gewoon 5 uur langer over doen om de rest van de leerstof van de Latijnse te zien een waaier bestaande uit 'Latijn, Chinees, Moderne Talen, Wetenschappen, en Economie'.

Alee, ik zit dat hier nu allemaal op de moment zelf te verzinnen he. Uiteraard is er veel meer studie voor nodig, maar het algemene idee ziet er in mijn hoofd ongeveer zo uit.



Ik denk dat het verschil tussen een eerste jaar Latijn en een eerste jaar Handel immens is. Het is niet omdat beide richtingen een vak hebben dat 'Frans' of 'Biologie' heet, dat de geziene leerstof ook daadwerkelijk dezelfde is. Ik stel eigenlijk vast dat ik bijzonder weinig weet over de lessenroosters uit de eerste graad TSO, is er in het eerste jaar eigenlijk nog een richting buiten Handel? (net even opgezocht)

edit: net even wat opzoekwerk verricht en volgens de onderwijskiezer is het lessenpakket (ik veronderstel dat dit de eindcompetenties van het eerste jaar zijn) op 5 uur na inderdaad overal hetzelfde (BSO heeft wel een apart pakket, logischerwijs). Er is dus buiten de 5 uur Latijn (dat in TSO vervangen wordt door Handel, Mode, etc...) geen verschil tussen een eerste jaar Latijn en een eerste jaar Handel? Kan iemand dit bevestigen?

bron: http://www.onderwijskiezer.be/secundair/sec_detail.php?detail=1

Dat van het verschil tussen handel en latijn in het eerste jaar klopte toch voor de middelbare school waar ik ben geweest. Daar zat ik in het eerste jaar moderne samen met het eerste jaar handel (wat de enige TSO-richting is die in onze school werd gegeven). Wij hadden dus in het eerste jaar quasi alles op handel na gemeenschappelijk.

Verder zou ik nog even willen aanhalen dat ik vind dat zeker economie op een hoger niveau mag gegeven worden. In een klas zoals economie-wiskunde mag er echt wel theoretischer en wiskundiger op economie in gegaan worden. Ook vind ik dat men minder de nadruk mag leggen op het lezen van zogenaamde economische artikels die voorbeelden van bedrijven illustreren. Daar staken wij enorm veel tijd in. Ik begrijp dat voorbeelden belangrijk zijn, toch was het stom dat de voorbeelden uit een boek kwamen, dat ondanks dat het ieder jaar vernieuwd werd, toch zeer verouderd was qua informatie over actuele voorbeelden.

Wat ik echter wel goed vond, was dat in onze school de 2 uur extra wiskunde, die 6-uurs kunnen krijgen, ook door leerlingen economie-wiskunde en latijn-wiskunde kunnen gevolgd worden. Met die twee extra uren hebben we toch wel heel wat theorie en oefeningen op een hoger niveau kunnen zien, wat het niveau van abstract denken ook verhoogt. Wij hebben onder andere de volgende zaken behandeld: parameterkrommen, kegelsneden, Taylor-reeks, lineaire algebra (zeer diep), RSA-algoritmen inclusief modulorekenen en poolcoordinaten gezien.

Nahrtent

Legacy Member
Ah, in alle scholen die ik ken is het Latijn + Moderne in de ene school tegen TSO (soms + BSO) in de andere school, mss daarmee dat mijn beeld wat anders is.

Dus als ik het goed begrijp is er de facto slechts een netto verschil van 5 uur tussen Latijn, Moderne (ik dacht altijd dat die buiten latijn zelf gewoon dezelfde leerstof zagen als de Latijnse, maar er 5 uur langer over deden. Nuja, op mijn school was dat ook wel zo, maar goed), en Technische in het eerste jaar? Is dat niet exact wat Smet wil bereiken? Of moet BSO er ook aan gelijkgeschakeld worden? Ik ben helemaal in de war nu :s.

thecoon

Legacy Member
SinDweller zei:
Ah, in alle scholen die ik ken is het Latijn + Moderne in de ene school tegen TSO (soms + BSO) in de andere school, mss daarmee dat mijn beeld wat anders is.

Dus als ik het goed begrijp is er de facto slechts een netto verschil van 5 uur tussen Latijn, Moderne (ik dacht altijd dat die buiten latijn zelf gewoon dezelfde leerstof zagen als de Latijnse, maar er 5 uur langer over deden. Nuja, op mijn school was dat ook wel zo, maar goed), en Technische in het eerste jaar? Is dat niet exact wat Smet wil bereiken? Of moet BSO er ook aan gelijkgeschakeld worden? Ik ben helemaal in de war nu :s.

ik heb TSO gedaan en in het eerste jaar en dat was een A-klas, in het tweede was het dan wel vb.2TIW. ik kon in het eerste jaar perfect meepraten met de mensen die naar ASO gingen.

ilgonwe

Legacy Member
Abullet4u2 zei:
Ik heb zes jaar met veel plezier latijn gevolgd maar vind het erg dat wanneer je een goede student bent automatisch moet kiezen voor latijn. Ik stel mij nu (5 jaar na afstuderen) de vraag of Latijn wel de beste richting is voor goede leerlingen na het lager onderwijs.

Er werd vroeger en nu nog altijd gekozen voor het pad met de sterkste leerlingen. Het volgende traject is bvb zeer populair en wordt hier ook aangehaald: Latijn -> LaWi -> WeWi. Een traject dat ikzelf ook gevolgd heb. Desalniettemin zet ik het vak Latijn niet op een voetstuk.

Dat leerlingen in Latijnse of Griekse betere resultaten behalen heeft minder te maken met de keuze voor klassieke talen maar meer met hun functie als aantrekkingspool van sterkere leerlingen.

De PISA resultaten zetten een heleboel landen bovenaan de lijst die Latijn helemaal niet of zelden in hun curriculum zetten: China, Hong Kong, Singapore, Zuid-Korea, Japan, Finland, Australië en Nieuw-Zeeland. Latijn vormt geen significant voordeel om het gemiddelde onderwijsniveau op te krikken.

Desondanks pleit ik er wel voor om een "analytische" taal te introduceren in de eerste graad als algemeen vak. Dit zou de nodige vaardigheden moeten bieden om een leerling kritisch een tekst te doen begrijpen en ook ontleden. Voor mij hoeft dit niet voor iedereen voortgezet worden in de 4 hogere jaren. En ik zet er enig voorbehoud bij. De Aziatische landen tonen aan dat dit geen noodzakelijke voorwaarde is voor goede resultaten. Er is een gamma aan talen beschikbaar naast Latijn en Grieks. Deze twee zijn uiteraard praktische keuzes door het aanbod aan leerkrachten.

Maar Japans is evenzeer een complexe taal die net zoals Latijn steunt op compactheid, een geavanceerder vervoegingssysteem, doorgedreven implied meaning structuren ipv expliciet vermelden en verscheidene spreekvormen van onbeleefd over familiair vriendelijk naar zeer formele vormen (keigo). Het beschikbare en educatief bruikbare bronmateriaal van een levende taal is ook immens veel groter dan van het Latijn. Ik zal het maar beschouwen als een theoretische mogelijkheid hoewel het functioneel gezien effectiever zou zijn.

Ik vind het nog altijd jammer dat Latijn grotendeels wordt "beperkt" tot louter het vertalen van Oud-Romeinse klassiekers zoals De Bello Gallico en een paar stukken Tacitus of Cicero. En dit gedurende het hele curriculum... Latijn kan veel verscheidener gegeven worden dan dat. Het vak is praktisch even versteend als de taal zelf...

JPV

Legacy Member
SinDweller zei:
Ah, in alle scholen die ik ken is het Latijn + Moderne in de ene school tegen TSO (soms + BSO) in de andere school, mss daarmee dat mijn beeld wat anders is.

Dus als ik het goed begrijp is er de facto slechts een netto verschil van 5 uur tussen Latijn, Moderne (ik dacht altijd dat die buiten latijn zelf gewoon dezelfde leerstof zagen als de Latijnse, maar er 5 uur langer over deden. Nuja, op mijn school was dat ook wel zo, maar goed), en Technische in het eerste jaar? Is dat niet exact wat Smet wil bereiken? Of moet BSO er ook aan gelijkgeschakeld worden? Ik ben helemaal in de war nu :s.

Toont aan dat het verschil minder groot is dan vele mensen denken. BSO moet er ook wel bij, maar die mensen zitten het jaar ervoor (6e lager) ook nog samen, hé en daar had/heeft niemand een probleem mee.

En natuurlijk is die 5 uur wél extra leerstof, ook in je school. Misschien niet qua grammatica, maar wel qua communicatieve vaardigheden. Dat is ook leerstof, hé.

Nu is het zo dat je, als je het eerste jaar TSO gedaan hebt, vaak moeilijk kan overschakelen naar ASO zonder verlies van een jaar, terwijl dat op zich geen bezwaar zou moeten zijn als je een sterke leerling bent.

Genious

Legacy Member
JPV zei:
Toont aan dat het verschil minder groot is dan vele mensen denken. BSO moet er ook wel bij, maar die mensen zitten het jaar ervoor (6e lager) ook nog samen, hé en daar had/heeft niemand een probleem mee.
Ja die zaten samen, maar echt uitgedaagd ben je niet he als je altijd maar 90+% haalt en de leerkracht vooral tijd en aandacht moet spenderen aan de zwakkere leerlingen. (wat ik die mensen niet verwijt he, die proberen ook maar de grootste nood het eerst te lenigen)

ZoidBerg

Legacy Member
2 juni 2013 - Hervorming secundair onderwijs: leraren eisen kwaliteitsonderwijs

Geachte leden van de Vlaamse Regering
Geachte voorzitters van de regeringspartijen


De Vlaamse Regering is al enkele dagen druk aan het onderhandelen over de hervorming van het secundair onderwijs. Met deze wil COC, de grootste onderwijsvakbond van Vlaanderen, de onderhandelaars er op attent maken dat een hervorming van het secundair onderwijs maar kan lukken als er hiervoor bij de leraren een breed draagvlak bestaat. Dat veronderstelt ook dat de echte problemen aangepakt worden en dat zijn er ook wel andere dan degene die vandaag in de media aan bod komen.

Omdat COC niet betrokken wordt bij deze onderhandelingen wil COC de onderhandelaars bij middel van deze open brief enkele zaken meegeven.

Draagvlak noodzakelijk

In het Vlaams Regeerakkoord van 9 juli 2009 lezen we: ‘Het secundair onderwijs wordt vernieuwd op basis van een breed draagvlak bij alle stakeholdersgroepen. … De doelstellingen zijn: de prestaties van de moeilijk lerenden en de meest gemotiveerden op Europees topniveau brengen en het aantal niet-gekwalificeerde schoolverlaters verminderen. Het welbevinden van de leerlingen en de leerkrachten moet in de toekomstige hervorming centraal staan. …’

Gisteren verklaarde minister Smet op Radio 1 dat er ook bij de leraren een breed draagvlak bestaat voor de hervorming van het secundair onderwijs. Waar minister Smet deze overtuiging vandaan haalt, is ons een raadsel. Men kan van geen draagvlak voor een plan spreken als dat plan niet bekend is. En dat is het niet, er is hoogstens de oriëntatienota van minister Smet van enkele jaren geleden. Bij de voorstelling van die oriëntatienota stelde COC al dat de implementatie van een hervorming van het secundair onderwijs maar ten gronde bespreekbaar is van zodra er duidelijkheid bestaat over alle aspecten die mee een dergelijke hervorming moeten dragen of mogelijk maken. COC wenste dan ook snel duidelijkheid over de impact die de nieuwe structuur zal hebben op de financiering, de subsidiëring en de omkadering, op het onderwijslandschap en de scholengemeenschap en op het functioneren van het personeel. Pas dan zou COC zich ten gronde uitspreken over de vernieuwing van het secundair onderwijs. Omdat deze duidelijkheid er nog steeds niet is, kan er ook geen sprake zijn van een draagvlak. COC vraagt de onderhandelaars dus ook aandacht te hebben voor deze belendende percelen.

COC wijst er ook op dat er op dit ogenblik ook geen draagvlak voor de hervorming bestaat in de scholen en dat is dus niet alleen bij de leraren. Toen het VVKSO twee jaar geleden haar voorstellen tot hervorming van het secundair onderwijs bekend maakte en zei dat er hiervoor bij de schoolbesturen een draagvlak was, hoorden verschillende directeurs het in Keulen donderen.

Het gebrek aan draagvlak bij leraren én directeurs wijst er op dat scholen heel veel tijd moeten krijgen om zich aan te passen.

Kerntaak secundair onderwijs afbakenen

COC vraagt de kerntaak van het secundair onderwijs goed af te bakenen. Verbeterpunten van het secundair onderwijs mogen zich zeker niet focussen op de sociaal-economische
functionaliteit van het onderwijs. Hierdoor dreigt het secundair onderwijs te verschralen tot een louter functioneel instrument in dienst van de arbeidsmarkt. COC is niet blind voor de vele maatschappelijke uitdagingen, maar vindt dat het onderwijs niet kan belast worden met het oplossen van al deze problemen.

Het moet dus duidelijk zijn welke doelen het secundair onderwijs moet realiseren en voor welke andere doelen ze onmiskenbaar een voorbeeldfunctie heeft, maar waar andere actoren verantwoordelijk zijn voor de realisatie ervan. Bij de hervorming van het secundair onderwijs zijn verschillende onderwijsactoren betrokken. Een hervorming kan maar lukken wanneer alle actoren bereid zijn er gezamenlijk hun schouders onder te zetten. COC vraagt duidelijkheid over wie verantwoordelijkheid draagt voor de realisatie van welke doelen.

Start in het basisonderwijs

Fundamenteel voor de herwaardering van het technisch- en beroepsonderwijs is dat de
hervorming van het secundair onderwijs start in het basisonderwijs. In het curriculum van het basisonderwijs moet voldoende aandacht worden besteed aan technische en praktische vakken. De interesse voor deze vakken moet daar dus aangekweekt worden. Dit kan alleen maar door deze vakken te laten onderwijzen door technisch zeer onderlegde personeelsleden.

Gemeenschappelijke eerste graad

Of een gemeenschappelijke breed vormende algemene eerste graad, gevolgd door brede
studiedomeinen in de tweede graad en geprofileerde studierichtingen in de derde graad (zoals voorzien in de oriëntatienota van minister Smet), een goede structuur is om het keuzeproces bij leerlingen beter te laten aansluiten bij hun mogelijkheden en talenten, zal COC beoordelen na concrete uitwerking van de eerste graad en na kennis genomen te hebben van de voorstellen van de Vlaamse Regering betreffende het basisonderwijs. Het is immers evident dat de uitbouw van de eerste graad gestoeld moet zijn op de doorgevoerde wijzigingen in het basisonderwijs. Als de studiekeuze uitgesteld wordt tot na de eerste graad en de Vlaamse Regering opteert voor belangstellingsgebieden, stelt COC in ieder geval dat elke school in haar eerste graad alle belangstellingsgebieden moet aanbieden en dat alle leerlingen met alle belangstellingsgebieden kennis moeten maken in de eerste graad.

Fundamenteel om te weten is ook dat leerlingen en ouders nog steeds meer kiezen voor een school dan voor een studierichting. Zolang scholen in hun eerste graad andere accenten kunnen leggen, zullen de uitdagingen die nu op tafel liggen nooit kunnen aangepakt worden en heeft een hervorming geen zin.

Weghalen van de tussenschotten tussen de onderwijsvormen

Als de Vlaamse Regering overweegt om op termijn de tussenschotten tussen de
onderwijsvormen op te heffen, dan zullen er gewoon andere tussenschotten in de plaats komen: die tussen de meer abstract en de meer praktisch georiënteerde studierichtingen. Zonder mentaliteitswijziging in hoofde van de ouders, zullen kinderen starten in de meer abstracte richtingen en zullen sommigen uiteindelijk overschakelen naar minder abstracte richtingen. Het is dus nog maar de vraag of het wegwerken van deze tussenschotten dezelfde kinderen en ouders zullen doen kiezen voor meer technische opleidingen.

Differentiatie in de klas

Vandaag is in overheidskringen en bij onderwijsvernieuwers het toverwoord ‘differentiëren’. Heterogene klassen vormen geen probleem, leraren kunnen immers differentiëren. Terwijl minder sterke leerlingen extra oefeningen maken, kunnen sterke leerlingen zich verdiepen. De sterke leerlingen zullen de minder sterke wel meetrekken. Maar dat is theorie. Deze zienswijze impliceert immers dat leerlingen bereid en in staat zijn om in hoge mate zelfstandig te werken. Leraren zullen bevestigen dat de praktijk uitwijst dat dit voor heel wat pubers een onhaalbare zaak is. Wie meent dat, terwijl de leraar extra uitleg geeft aan minder sterke leerlingen, de anderen gedisciplineerd en geconcentreerd zullen doorwerken aan hun eigen taken, leeft wellicht nog in de jaren zestig en heeft dus geen benul van de huidige klaspraktijk. De cruciale vraag is hier hoe een leraar het hoogste rendement kan halen uit zijn leerlingen. De leraar in de klas kent het antwoord op deze toch wel belangrijke vraag, maar vreest dat de Vlaamse Regering uit budgettaire overwegingen dat antwoord niet wil kennen en zal kiezen voor (kosteloze) differentiatie. In dat geval waarschuwt COC de Vlaamse Regering voor het mislukken van de hervorming van het secundair onderwijs. Bij gelijkblijvende middelen heeft klasdifferentiatie trouwens zijn beperkingen en moeten er grenzen aan gesteld worden. Als dat niet het geval is, dan ontstaan er nieuwe twee- of driedelingen in het onderwijslandschap.

Watervalsysteem

Het watervalsysteem wordt dikwijls beschouwd als dé grote boosdoener voor de
ongekwalificeerde uitstroom. Vergeet men hier niet te vlug dat het meestal de ouders zijn die de mogelijkheden van hun kinderen overschatten? Of dat zij (ten onrechte weliswaar, maar omwille van andere beweegredenen zoals bijvoorbeeld prestigeoverwegingen) bewust niet kiezen voor het technisch- en beroepsonderwijs. De redenen waarom sommige leerlingen geen diploma behalen, zijn veel complexer dan het watervalsysteem op zich: de thuissituatie, het gebrek aan ondersteuning door de ouders, de gebrekkige kennis van het Nederlands, het gebrek aan inspanningen... Dat zijn ook problematieken waarvoor voldoende aandacht moet zijn. Wanneer aan deze problematieken onvoldoende aandacht wordt geschonken, zal een hervorming van het secundair onderwijs niets oplossen.

Implementatie

COC vraagt duidelijkheid over de wijze waarop de implementatie van de onderwijshervorming in het onderwijslandschap zal gebeuren. Meer concreet verwacht COC dat de Vlaamse Regering erover zal waken dat er geen verdoken mechanismen ontstaan die in de praktijk de huidige twee- of driedeling in de feiten in stand zullen houden door de selectie van belangstellingsgebieden/specialiserende studierichtingen, door te grote vrijheidsmarges voor de invulling van de differentiatiepakketten, te ruime marges voor de koppeling van eindtermen aan vakken, enz….

Leraren eisen kwaliteitsonderwijs

Leraren ondersteunen alle maatregelen die de kwaliteit van het onderwijs en de vorming van hun leerlingen ten goede komen. Maar leraren willen geen hervormingen die ertoe leiden dat diploma’s afgeleverd worden aan leerlingen die dat niet verdienen. Leraren vrezen een verdere nivellering van het onderwijs. Inderdaad, een verdere nivellering omdat deze trend tot vervlakking nu al merkbaar is. Leraren staan nu al onder zware druk wanneer een leerling voor een bepaald vak een tekort heeft. Niet de leerling heeft hier fout aan, maar de leraar. Hij moet dus remediëren en hierover communiceren met directie en leerlingenbegeleiders. Hij moet communiceren met de ouders over de evolutie van hun kind. Hij staat onder druk van de directeur omdat die vreest een leerling en zijn financiering hiervoor kwijt te geraken of gevat te worden door een juridische procedure… Het is dan ook niet verwonderlijk dat leraren meer en meer bezwijken onder die druk.

In dit verband moet de overheid de hand trouwens in eigen boezem steken. Ongekwalificeerde uitstroom heeft ook te maken met de instroom. Zoals niet iedere student bekwaam is om academisch onderwijs te volgen, is ook niet iedere leerling bekwaam om een hogeschooldiploma te behalen. Ook niet iedere leerling is bekwaam om een diploma secundair onderwijs te behalen. Als de Vlaamse Regering dat toch wil, dan vraagt dat extra investeringen om de leerlingen die dreigen uit te vallen, op te vangen. Doet ze die niet, dan zal de kwaliteit van het secundair onderwijs verder achteruit gaan. Met of zonder hervorming van het secundair onderwijs.

Jos Van Der Hoeven
Secretaris-generaal COC
Koen Van Kerkhoven
Nationaal secretaris SO

Bron: de standaard

Genious

Legacy Member
Weird, ik ben het denk ik volledig eens met een statement van een vakbond.

squalleke123

Legacy Member
SinDweller zei:

Funny because it's true. Want dat is eigenlijk waar de grote vrees voor hervormingen vandaan komt: Dat hervormingen de sterkere leerlingen (gedefinieerd als diegene die nu ASO doen, eventueel aangevuld met bijvoorbeeld IW) in hun onderwijs aan kwaliteit moeten inboeten om de zwakkeren mee te krijgen. Zeer socialistisch en nobel allemaal, maar laten we toch ook niet vergeten dat wetenschappelijke, economische en sociale vooruitgang altijd gedreven is door de sterken.

Voor mij is het invoeren van een soort orientatiejaar op zich geen enkel probleem. Maar doe dit aub niet in een eerste twee jaar middelbaar, want dit zijn IMHO dé cruciale jaren om een goede studiehouding te ontwikkelen. Had ik in die periode geen latijn gehad, dan had ik nooit echt leren blokken en stond ik nu niet op het punt van mijn universitair diploma te halen.
Dat die uitdaging niet noodzakelijk van een vak latijn hoeft te komen, ga ik zeker akkoord mee. Maar in de huidige situatie is er nu eenmaal geen alternatief. De andere richtingen zien hetzelfde in de andere vakken, maar in meer uren. Logisch dan toch dat latijn een elite-richting blijft.
Ikzelf zou opteren voor de optie die hier reeds geopperd werd: een zware richting op vlak van wetenschappen in plaats van latijn. Maar eigenlijk is er al een richting die hier potentieel toe biedt, namelijk het IW. Ik ben ervan overtuigd dat een IW in de laatste 2 jaar middelbaar absoluut niet moet onderdoen voor WeWi6 of zelfs WeWi8 qua leerstof wiskunde en fysica (Heb zelf WeWi8 gedaan, mijn broertje IW). En deze laatste zijn toch dé twee wetenschappen waar een voorsprongetje je in het hoger onderwijs geen windeieren legt.

crazyman2

Legacy Member
Wat ze moeten doen: In het lager onderwijs tijd vrijmaken (1-2h per 1-2 weken voor 5de-6de) voor oriënteringsvakken waar een beetje van alles te pas komt. Een beetje wetenschap, een beetje talen, een vogelhuisje bouwen en misschien wat logische schakelingen.

Daarnaast zou het ook geen slecht idee zijn om een sterke wetenschappelijke richting te hebben in TSO, a la IW/EM. Ik mis dat toch een beetje in de eerste graad.

Silmarunya

Legacy Member
crazyman2 zei:
Daarnaast zou het ook geen slecht idee zijn om een sterke wetenschappelijke richting te hebben in TSO, a la IW/EM. Ik mis dat toch een beetje in de eerste graad.

Een dergelijke richting zou natuurlijk rechtstreeks concurreren met We-Wi en dat lijkt me nogal redundant.

Zou het geen goed idee zijn om IW/TW samen te voegen met We-Wi tot een sterke technische richting met veel wiskunde, exacte wetenschappen, informatica en techniek? Een richting die rechtstreeks zou aansluiten op ingenieursrichtingen en exacte vakken, met in de derde graad mogelijkheid tot kiezen voor een meer technisch profiel (met extra mechanica, ict, elektriciteit en andere 'burgievakken') of een meer levenstechnisch profiel met extra chemie en biologie.

Deze richting zou zowel in ASO, TSO of een nog te bedenken niveau kunnen geplaatst worden en een sterke exacte richting worden als alternatief voor Latijn.

crazyman2

Legacy Member
Silmarunya zei:
Een dergelijke richting zou natuurlijk rechtstreeks concurreren met We-Wi en dat lijkt me nogal redundant.

Zou het geen goed idee zijn om IW/TW samen te voegen met We-Wi tot een sterke technische richting met veel wiskunde, exacte wetenschappen, informatica en techniek? Een richting die rechtstreeks zou aansluiten op ingenieursrichtingen en exacte vakken, met in de derde graad mogelijkheid tot kiezen voor een meer technisch profiel (met extra mechanica, ict, elektriciteit en andere 'burgievakken') of een meer levenstechnisch profiel met extra chemie en biologie.

Deze richting zou zowel in ASO, TSO of een nog te bedenken niveau kunnen geplaatst worden en een sterke exacte richting worden als alternatief voor Latijn.
We-Wi is theoretisch, maar niet praktisch. Je wilt een combo van de twee voor mensen die wel theorie willen, maar ook nog wel eens iets willen doen qua techniek. Je kan de beiden perfect combineren door iets minder theorie, en iets meer praktijk. Algemeen krijg je dan iets minder algemene vorming, maar wel meer technische vorming.

Als ik parallellen trek met de 2de graad:

Theoretisch => Praktisch
We-Wi (is dat nog in 2de graad?) => IW => EM => Elektriciteit/Mechanica

Dus voor de nieuwe richting zou ik dan ergens tussen IW en EM kiezen. Theoretisch, maar ook praktisch vormend, met de nadruk op technische vorming en minder algemene vorming.

Ik vind het persoonlijk belangrijk dat iedereen zijn mix kan krijgen. Sommige verorberen graag veel theorie zonder al te veel praktisch nut (geschiedenis en aardrijkskunde vb), andere willen als wel eens iets technisch doen (iets maken, draaien/frezen). Zoiets ontbreekt in de eerste graad, omdat de contrasten relatief groot zijn tussen ASO/TSO/BSO op technisch vlak.

Silmarunya

Legacy Member
crazyman2 zei:
We-Wi is theoretisch, maar niet praktisch. Je wilt een combo van de twee voor mensen die wel theorie willen, maar ook nog wel eens iets willen doen qua techniek. Je kan de beiden perfect combineren door iets minder theorie, en iets meer praktijk. Algemeen krijg je dan iets minder algemene vorming, maar wel meer technische vorming.

Als ik parallellen trek met de 2de graad:

Theoretisch => Praktisch
We-Wi (is dat nog in 2de graad?) => IW => EM => Elektriciteit/Mechanica

Dus voor de nieuwe richting zou ik dan ergens tussen IW en EM kiezen. Theoretisch, maar ook praktisch vormend, met de nadruk op technische vorming en minder algemene vorming.

Ik vind het persoonlijk belangrijk dat iedereen zijn mix kan krijgen. Sommige verorberen graag veel theorie zonder al te veel praktisch nut (geschiedenis en aardrijkskunde vb), andere willen als wel eens iets technisch doen (iets maken, draaien/frezen). Zoiets ontbreekt in de eerste graad, omdat de contrasten relatief groot zijn tussen ASO/TSO/BSO op technisch vlak.

Oke, jij bedoelt dus een wat sterker theoretische EM-richting. Ik dacht dat je echt een puur theoretische richting bedoelde, ergens tussen We-Wi (ja, dat bestaat in de derde graad) en IW in. Klein misverstand dus :)

Maar dat doet niets af aan mijn punt, dat er nog altijd geen sterke theoretische richting is die aandacht geeft aan vakgebieden als elektromechanica, ict en dat soort dingen.

crazyman2

Legacy Member
Silmarunya zei:
Maar dat doet niets af aan mijn punt, dat er nog altijd geen sterke theoretische richting is die aandacht geeft aan vakgebieden als elektromechanica, ict en dat soort dingen.
Klopt ook. En dat nu net het probleem van de eerste graad, een gebrek aan differentiatie. Als je als 12 jarige niet de interesse hebt aan het resem algemene vakken in ASO, dan is de kans ook bestaande dat je het niet zo goed zal doen in ASO. Niet noodzakelijk door gebrek aan capaciteit, maar wel in interesse.

Het is daarom in iedereen zijn voordeel om zoveel mogelijk niveaus in te bouwen (zodat iedereen zijn niveau/interesse terug vindt) maar tegelijk de scheiding behoudt. Maw, niet wat Pascalleke wil :(

Silmarunya

Legacy Member
crazyman2 zei:
Klopt ook. En dat nu net het probleem van de eerste graad, een gebrek aan differentiatie. Als je als 12 jarige niet de interesse hebt aan het resem algemene vakken in ASO, dan is de kans ook bestaande dat je het niet zo goed zal doen in ASO. Niet noodzakelijk door gebrek aan capaciteit, maar wel in interesse.

Het is daarom in iedereen zijn voordeel om zoveel mogelijk niveaus in te bouwen (zodat iedereen zijn niveau/interesse terug vindt) maar tegelijk de scheiding behoudt. Maw, niet wat Pascalleke wil :(

Dit. Ik ben volledig voor zijn concept van wat meer volgens interessegebieden te werken (het idee van een richting 'Wetenschap en techniek' met daarin de keuze om voor een meer levenstechnisch of meer fysisch/technisch gericht profiel te gaan bijvoorbeeld), maar waarom dan ook meteen praktische en theoretische richtingen moeten worden samengegooid en de eerste graad moet verspild worden, ontgaat me.

Realma

Legacy Member
Silmarunya zei:
n een verdere nivellering richting de zwaksten is de oplossing? Niemand is ooit gegroeid door anderen kleiner te maken, integendeel.

Niemand pleit voor het nivelleren van de eerste graad, je bekijkt dit allemaal veel te zwart/wit. Het is de bedoeling om verschillende differentiatiepakketten ('Wetenschap en techniek', 'Latijn en Grieks', 'Moderne talen', 'Economie'...) in het eerste graad aan te bieden met de afschaffingen van de klassieke benamingen het 'ASO' en het 'TSO'. De sterkere leerlingen gaan dan vrijwel zeker kiezen voor de sterke pakketten (een combinatie is eventueel mogelijk) zoals dat nu gebeurt. De zwakkere leerlingen gaan opteren voor de gemakkelijkere pakketten. De keuze of je al dan niet verder wilt studeren in het hoger onderwijs verschuift dan van uw 12 jaar naar 15 jaar.
Het BSO kan wel blijven bestaan aangezien de meeste leerlingen die daar terecht komen niet slagen in de lagere school.

Dit zal een positief effect hebben op zowel de sterke leerlingen (die zullen al vroeger de keuze hebben om volop voor techniek en wetenschap te gaan bijvoorbeeld) en de iets zwakkere leerlingen (de ouders zullen zich wat minder moeien met de verschillende keuzepakketten, waardoor het watervalsysteem zo goed als volledig uitgeschakeld word).

Ik heb het gevoel dat hier te veel gefocust word op slechts één probleem; 'De sterkere leerlingen, sterker maken'. Daar is iedereen voor te vinden maar hoe ga je concreet het 'TSO' een positiever imago geven? Wat met de leerlingen die schoolmoe zijn?

Het systeem zoals we die kennen berust té veel op de keuze die de ouders voor jou maken (aangezien je maar 12 jaar bent, uitzonderingen zijn er). Heb je ouders die begaan zijn met uw studies en heb je de capaciteiten, dan is het systeem een succes. Heb je ouders die veel te hoge eisen stellen, dan faalt het systeem en kom je terecht in het zogenaamde watervalsysteem, het uiteindelijke resultaat is schoolmoeiheid en uiteindelijk geen diploma.


Een verschuiving van de cruciale beslissing kan al veel oplossen.

Karre

Legacy Member
Ik heb vandaag in De Standaard dat matrixmodel gezien voor de latere jaren. Voor elke studiekeuze bestaan er drie niveaus. Bijvoorbeeld voor economie was er economie, boekhouden en verkoop. Op zich verschilt dat toch niet veel met economie in het ASO, handel in TSO en kantoor in BSO? Het enige verschil zijn gewoon naamsveranderingen en de overkoepelende niveauaanduidingen die wegvallen. Maar uiteindelijk gaat dat systeem toch ook de 'slechte' benamingen krijgen?

Wat ik trouwens wel miste in het middelbaar was een sterke informatica richting. Had dat in ASO gezeten zou ik zeker meer gemotiveerd geweest zijn om moeite te doen voor ASO. Nu volgde ik dan wel informaticabeheer maar qua wiskunde was dat nader bekeken wel ondermaats.
Het archief is een bevroren moment uit een vorige versie van dit forum, met andere regels en andere bazen. Deze posts weerspiegelen op geen enkele manier onze huidige ideeën, waarden of wereldbeelden en zijn op sommige plaatsen gecensureerd wegens ontoelaatbaar. Veel zijn in een andere tijdsgeest gemaakt, al dan niet ironisch - zoals in het ironische subforum Off-Topic - en zouden op dit moment niet meer gepost (mogen) worden. Toch bieden we dit archief nog graag aan als informatiedatabank en naslagwerk. Lees er hier meer over of start een gesprek met anderen.
Terug
Bovenaan