Voor de Middellandse Zee dreigt de grootste milieuramp uit haar geschiedenis. Dat zegt de Libanese minister Yacoub Sarraf nadat bijna 15.000 ton brandstof door een bombardement op brandstofreservoirs in zee is beland.
Volgens Sarraf blijft tussen 8.000 en 10.000 ton olie voor de Libanese kusten drijven, terwijl 5.000 ton zich over de Middellandse Zee verspreidt. Het zal maanden duren en miljoenen dollars kosten om de kusten schoon te maken.
De milieuorganisatie Green Line uit Libanon wees al eerder op de gevaren van het huidige geweld voor het milieu. "De Israëlische aanvallen op Libanon doden niet alleen burgers of vernietigen de infrastructuur, ook het milieu wordt aangetast", aldus een woordvoerder.
Dode vissen
De zwarte smurrie beslaat een derde van de kust in Libanon, goed voor 70 kilometer kustlijn. De olievlekken hebben zich verspreid voor de kustoevers tussen Jiyé en Beiroet en tussen Tabarja en Chekka in het noorden. De stranden en rotsen zijn er bedekt met stookolie. Aan de historische haven van Biblos, zo'n 40 kilometer ten noorden van Beiroet, liggen dode vissen en schaaldieren.
De vijf oliereservoirs van de elektrische centrale van Jiyé werden twee keer gebombeerd. Ze bevinden zich op amper 25 meter van de kust. Ook de lucht heeft te lijden onder de bombardementen. De giftige stoffen van de brandende reservoirs hebben zich over 30 kilometer verspreid. (belga/hln)