De interesse om in België te investeren is gedaald tot het laagste niveau sinds 2005, zo blijkt uit een enquête van consultancybedrijf EY (het vroegere Ernst & Young).
Uit een rondvraag bij 200 internationale investeerders besluit consultant Ernst & Young dat het om nog slechts 33 procent gaat, tegenover 62 procent in 2011. Bovendien is slechts een op de vijf van plan om het komende jaar activiteiten op te starten of uit te breiden.
Het sombere beeld van de nieuwe ‘Barometer van de Belgische attractiviteit’ ligt in lijn met dat van de voorbije jaren. Opvallend is dat tien procent van de ondervraagden van plan is in de komende drie jaar zijn activiteiten van België te verhuizen naar elders. Vorig jaar was dat nog acht procent. Vijf procent zegt bovendien er nog niet uit te zijn.
Niettemin hebben stilaan weer meer investeerders er goede hoop op dat België in de komende drie jaar opnieuw aantrekkelijker zal worden (28 naar 35 procent). Het percentage ligt wel gevoelig lager dan de perceptie over heel Europa (54 procent).
Opgedeeld naar de regio’s blijken vooral Brussel (38 procent) en Vlaanderen (34 procent) het aantrekkelijkst, terwijl Wallonië (11 procent) achterop hinkt. De bedrijfsleiders die al activiteiten in België hebben, vinden Vlaanderen het aantrekkelijkst.
Ernst & Young besluit voorts uit de enquête dat de ondervraagden zich vooral zorgen maken om ‘de hoge loonlasten, de torenhoge fiscale en parafiscale druk en de gebrekkige mobiliteit’ in ons land. Lichtpunten zijn traditionele troeven als de ligging, diversiteit en scholing van onze werknemers, ons stabiel economisch klimaat en de grootte van onze markt, zo blijkt voorts.