zizou10
Legacy Member
Ik ben dit jaar dus begonnen met de studie Sociologie en het valt me redelijk mee qua theorie. Ja het is veel maar ik vind het vrij interessant en pik het goed op. Alleen bij het tweede hoorcollege statistiek vandaag ging het toch een beetje mis ...
Ik wist dat ik deze studie begon met een grote achterstand van wiskunde, maar wilde de gok toch wagen, omdat ik echt een goed gevoel heb bij de gehele opleiding en diens curriculum, en weiger een studie niet te kiezen vanwege mijn redelijk grote probleempje met wiskunde / statistiek.
Bij het hoorcollege werden er in het begin enkel (schijnbaar) basistheorieën uitgelegd en voor mij was het al Chinees, allerlei symbolen waarvan ik geen idee waar ze voor staan of welke inhoud ze hebben. Ik heb goed geluisterd en sommige dingen werden wel duidelijker, maar niet alles. Toen kwam de prof ineens met het leuke idee om de studenten te laten participeren bij de les (dus naar sommige mensen toelopen en ze met de microfoon een formule of tabel laten uitleggen) .. gelukkig, gelukkig zat ik helemaal in aan het einde van een rij want toen ik dat zag sloeg het paniekje even goed toe, ik propte snel alle spullen in mijn tas en verliet zo rap mogelijk de zaal en stond met knikkende knietjes en het zweet in mijn handen buiten.
Dit is ongeveer een beetje tekend voor mijn relatie tot cijfers, wiskunde, rekenen en statistiek. Ik kan niet het niet, ik heb nooit gekund en zeer waarschijnlijk zal ik het nooit kunnen (ja dat is mijn oprechte overtuiging en 'believe' in deze).
Ik denk ongeveer dat ik de wiskundige basis, kennis en vaardigheden heb van een kind van acht, misschien tien, maar dan houd het wel op. Het grootste probleem is eigenlijk het totale 'dichtklappen' dat ik ervaar zodra ik iets moet uitrekenen. Ik heb er zo'n grote en wagelijke afkeer van dat ik sinds mijn 14e op alle mogelijk manieren wiskunde en rekenen uit mijn leven ben gaan bannen, dat is aardig gelukt enkel teer ik nu natuurlijk op een 'basis' die niet eens een naam mag hebben.
Voor de hele grond van dit probleem moet ik ver terug, ik denk dat er drie factoren een rol spelen.
A - toen ik als klein kind een nanny a.k.a. opasser had leek het dat vrouwtje een goed idee om mij vlak voor het lager onderwijs alvast wat te leren rekenen, het was nogal een strenge tante en ik vond dat rekenen helemaal niet leuk, vaak eindige dat dus in heel hard liggen janken omdat ik 'stomme dingen' met 'stomme getallen' moest toen terwijl ik drie was en helemaal niet met zulke zaken bezig wilde zijn.
B - gelukkig volgde een hele prettige tijd op de lagere school t/m groep 5, ik zat op een Montessorischool waar men les geeft naar de ideologie van Maria Montessori (kennen ze volgens mij in Vlaanderen niet (?)) .. dwz dat kinderen totaal vrij worden gelaten en zelf via allerlei spelletjes en montessorimaterialen dingen leren. Dat sloeg bij mij enorm aan, ik was een van de betere leerlingen van mijn klas en vond zelfs rekenen (op die manier) tof, voelde me er ook heel erg uitgedaagd in. Na groep 5 moest ik van mijn ouders na wat voorvallen (beleidsmatig falen, veel leerkrachten ziek en geen vervangingen enz.) op die des tijdse Montessorischool stoppen en naar een reguliere basisschool, daar ging het mis. Alles was na mijn beleving heel competatief ingesteld en er was een hoge druk op presteren, ook werden alle lessen klassikaal gedaan waardoor het heel makkelijk was om te zien wie iets wel kon of niet. Ik was meteen een van de mindere in rekenen en docenten hadden daar ook geen moeite mee dat aan te geven, zo werd ik direct in een extra rekengroepje voor 'minder begaafden' geduwd (ja serieus met die benaming) ... in die verdere periode ben ik een aantal keer door docenten als 'dom' 'incapabel' en 'beperkt' bestempeld. In een tweetal situaties ben ik de gang op gestuurd want als ik zo dom bezig was kon ik geen nuttige bijdrage leveren aan het vak hoofdrekenen. Ook wist ik eens een som niet en geraakte ik zeer overstuur waarna de docent tegen mij begon te schreeuwen dat ik er maar weer uit kon gaan want je bent wat rekenen geen knip voor je neus waard 'soms denk ik dat je dit nog expres doet om mijn lessen te verstoren ook'. (letterlijke teksten). Ik heb het op die momenten altijd als vrij heftig ervaren maar nooit gezien als traumatisch, het is wel altijd blijven hangen, dat wel.
De secundaire was niet veel beter, ik werd naar een het laagste theoretische niveau geschopt (door mijn 'beperking' in wiskunde. Wiskunde = logisch denken, kind kan niet logisch denken, kind = dom). Gelukkig kon ik op een leeftijd op 14 het vak wiskunde laten vallen, tot die tijd kenmerkte zich de lessen voor mij als totale black outs, zenuwen voor de les, als het maar even kon spijbelen en me echt heel, heel dom te voelen. Zelfs als iemand me iets uitlegde dreunde er constant iets in mijn hoofd door van een totale black-out, en zelfs schuldgevoelens voor het verpesten van diegene zijn of haar tijd.
C - waarschijnlijk heb ik ook gewoon geen aanleg voor wiskundig inzicht, dat lijkt me duidelijk, maar concrete bewijzen heb ik er niet voor er is teveel gebeurd in mijn verleden met cijfertjes om te zeggen dat het puur en enkel zou liggen aan te weinig inzicht (of wel?)
Concluderend gezien:
Wat moet ik doen aan mijn issue met statistiek op dit moment? Ik heb mijn prof al gemaild en hoop iets van hem terug te horen (verder nog niet aangegeven waarom, enkel dat ik hem graag onder vier ogen wil spreken).
Moet ik enkel stoppen met mijn studie vanwege het probleem met statistiek? Ik zou het enorm zonde vinden, echt. Tevens zou ik het al fijn vinden om in het openbaar over wiskundige zaken te durven meespreken zonder complete black-outs of zelfs paniekachtige symptomen te krijgen waarbij er voor mij maar één oplossing is: lopen, lopen, weg van alles.
Sowieso vind ik het heel vreemd eigenlijk, over het algemeen ben ik best een kerel met een vlotte babbel, zelfvertrouwen en iemand die sociaal vrij goed is. Maar met statistiek, wiskunde en cijfermatige zaken is er van diegene niets meer over lijkt het wel.
Advies gewenst
Ik wist dat ik deze studie begon met een grote achterstand van wiskunde, maar wilde de gok toch wagen, omdat ik echt een goed gevoel heb bij de gehele opleiding en diens curriculum, en weiger een studie niet te kiezen vanwege mijn redelijk grote probleempje met wiskunde / statistiek.
Bij het hoorcollege werden er in het begin enkel (schijnbaar) basistheorieën uitgelegd en voor mij was het al Chinees, allerlei symbolen waarvan ik geen idee waar ze voor staan of welke inhoud ze hebben. Ik heb goed geluisterd en sommige dingen werden wel duidelijker, maar niet alles. Toen kwam de prof ineens met het leuke idee om de studenten te laten participeren bij de les (dus naar sommige mensen toelopen en ze met de microfoon een formule of tabel laten uitleggen) .. gelukkig, gelukkig zat ik helemaal in aan het einde van een rij want toen ik dat zag sloeg het paniekje even goed toe, ik propte snel alle spullen in mijn tas en verliet zo rap mogelijk de zaal en stond met knikkende knietjes en het zweet in mijn handen buiten.
Dit is ongeveer een beetje tekend voor mijn relatie tot cijfers, wiskunde, rekenen en statistiek. Ik kan niet het niet, ik heb nooit gekund en zeer waarschijnlijk zal ik het nooit kunnen (ja dat is mijn oprechte overtuiging en 'believe' in deze).
Ik denk ongeveer dat ik de wiskundige basis, kennis en vaardigheden heb van een kind van acht, misschien tien, maar dan houd het wel op. Het grootste probleem is eigenlijk het totale 'dichtklappen' dat ik ervaar zodra ik iets moet uitrekenen. Ik heb er zo'n grote en wagelijke afkeer van dat ik sinds mijn 14e op alle mogelijk manieren wiskunde en rekenen uit mijn leven ben gaan bannen, dat is aardig gelukt enkel teer ik nu natuurlijk op een 'basis' die niet eens een naam mag hebben.
Voor de hele grond van dit probleem moet ik ver terug, ik denk dat er drie factoren een rol spelen.
A - toen ik als klein kind een nanny a.k.a. opasser had leek het dat vrouwtje een goed idee om mij vlak voor het lager onderwijs alvast wat te leren rekenen, het was nogal een strenge tante en ik vond dat rekenen helemaal niet leuk, vaak eindige dat dus in heel hard liggen janken omdat ik 'stomme dingen' met 'stomme getallen' moest toen terwijl ik drie was en helemaal niet met zulke zaken bezig wilde zijn.
B - gelukkig volgde een hele prettige tijd op de lagere school t/m groep 5, ik zat op een Montessorischool waar men les geeft naar de ideologie van Maria Montessori (kennen ze volgens mij in Vlaanderen niet (?)) .. dwz dat kinderen totaal vrij worden gelaten en zelf via allerlei spelletjes en montessorimaterialen dingen leren. Dat sloeg bij mij enorm aan, ik was een van de betere leerlingen van mijn klas en vond zelfs rekenen (op die manier) tof, voelde me er ook heel erg uitgedaagd in. Na groep 5 moest ik van mijn ouders na wat voorvallen (beleidsmatig falen, veel leerkrachten ziek en geen vervangingen enz.) op die des tijdse Montessorischool stoppen en naar een reguliere basisschool, daar ging het mis. Alles was na mijn beleving heel competatief ingesteld en er was een hoge druk op presteren, ook werden alle lessen klassikaal gedaan waardoor het heel makkelijk was om te zien wie iets wel kon of niet. Ik was meteen een van de mindere in rekenen en docenten hadden daar ook geen moeite mee dat aan te geven, zo werd ik direct in een extra rekengroepje voor 'minder begaafden' geduwd (ja serieus met die benaming) ... in die verdere periode ben ik een aantal keer door docenten als 'dom' 'incapabel' en 'beperkt' bestempeld. In een tweetal situaties ben ik de gang op gestuurd want als ik zo dom bezig was kon ik geen nuttige bijdrage leveren aan het vak hoofdrekenen. Ook wist ik eens een som niet en geraakte ik zeer overstuur waarna de docent tegen mij begon te schreeuwen dat ik er maar weer uit kon gaan want je bent wat rekenen geen knip voor je neus waard 'soms denk ik dat je dit nog expres doet om mijn lessen te verstoren ook'. (letterlijke teksten). Ik heb het op die momenten altijd als vrij heftig ervaren maar nooit gezien als traumatisch, het is wel altijd blijven hangen, dat wel.
De secundaire was niet veel beter, ik werd naar een het laagste theoretische niveau geschopt (door mijn 'beperking' in wiskunde. Wiskunde = logisch denken, kind kan niet logisch denken, kind = dom). Gelukkig kon ik op een leeftijd op 14 het vak wiskunde laten vallen, tot die tijd kenmerkte zich de lessen voor mij als totale black outs, zenuwen voor de les, als het maar even kon spijbelen en me echt heel, heel dom te voelen. Zelfs als iemand me iets uitlegde dreunde er constant iets in mijn hoofd door van een totale black-out, en zelfs schuldgevoelens voor het verpesten van diegene zijn of haar tijd.
C - waarschijnlijk heb ik ook gewoon geen aanleg voor wiskundig inzicht, dat lijkt me duidelijk, maar concrete bewijzen heb ik er niet voor er is teveel gebeurd in mijn verleden met cijfertjes om te zeggen dat het puur en enkel zou liggen aan te weinig inzicht (of wel?)
Concluderend gezien:
Wat moet ik doen aan mijn issue met statistiek op dit moment? Ik heb mijn prof al gemaild en hoop iets van hem terug te horen (verder nog niet aangegeven waarom, enkel dat ik hem graag onder vier ogen wil spreken).
Moet ik enkel stoppen met mijn studie vanwege het probleem met statistiek? Ik zou het enorm zonde vinden, echt. Tevens zou ik het al fijn vinden om in het openbaar over wiskundige zaken te durven meespreken zonder complete black-outs of zelfs paniekachtige symptomen te krijgen waarbij er voor mij maar één oplossing is: lopen, lopen, weg van alles.
Sowieso vind ik het heel vreemd eigenlijk, over het algemeen ben ik best een kerel met een vlotte babbel, zelfvertrouwen en iemand die sociaal vrij goed is. Maar met statistiek, wiskunde en cijfermatige zaken is er van diegene niets meer over lijkt het wel.
Advies gewenst

Ik vertoon ook een beetje dezelfde neigingen: het negeren, weglopen, uitstellen,...
Maar weet je... Ik kon het wél. Alleen moest ik mezelf veel meer motiveren en had ik meer discipline nodig op dat vlak dan de gemiddelde student, net omdat ik zo moest vechten tegen mijn onzekerheid op dat vlak.
Vraag mij nog altijd niet hoe. Ik had nu wel niet meteen de moeilijkste technieken gekozen (maar dat was ook niet de bedoeling) en ik was zo paniekerig over iets fout doen dat ik alles redelijk minitieus en perfectionistisch heb gedaan. En toen bleek alles juist te zijn, wat ik had gedaan.

, ik had soms voor economie het gevoel, wauw nu ging het echt heel straf, en dan had ik alle theorievragen goed, alle rekenopgaven fout :ironic:. Soms dan ineens een goed cijfer voor wiskunde, maar dan wist ik eigenlijk niet echt waarom.