Het leerkrediet bedraagt 140 punten bij de start in het hoger onderwijs. Per gevolgd studiejaar (in de regel 60 studiepunten) in een Bachelor- en Masteropleiding gebruikt hij zijn leerkrediet voor de studiepunten waarvoor hij ingeschreven is. Per geslaagd onderdeel verdient hij leerkrediet evenredig terug : 60 inleveren en 60 terugverdienen. Omdat de overgang van het secundair onderwijs naar de universiteit niet altijd eenvoudig is krijgt een student voor de eerste zestig studiepunten waarvoor hij geslaagd is, extra leerkrediet-punten (de eerste 60 krijgt hij dubbel terug). Een student die dus steeds slaagt (de perfecte student), houdt zijn 140 punten leerkrediet over op het einde van het curriculum (plus de zestig punten extra van de eerste zestig studiepunten waarvoor hij slaagt). Op het ogenblik dat hij echter een eerste diploma van Master verwerft, worden er terug 140 punten van het leerkrediet afgetrokken en houdt hij nog enkel het saldo over (in het ideale geval de 60 bonuspunten). Hij kan ze eventueel gebruiken om zich opnieuw voor een Bachelor- of Masteropleiding in te schrijven. Hij krijgt echter niet opnieuw 140 punten noch bonuspunten voor dit tweede diploma.
Zowel reeds ingeschreven studenten als nieuwe studenten starten sinds het academiejaar 2008-2009 met 140 studiepunten (i.e. geen terugwerkende kracht).
Het leerkrediet wordt opgebruikt als men niet slaagt. Het komt er dus op aan steeds alle examens af te leggen en voor alle examens ook te slagen. Ook al verandert men het jaar daarop volledig van richting: om het aantal studiepunten op peil te houden zorgt men er best voor dat men voor alle ingeschreven vakken examen aflegt en slaagt. Ook worden er, als men een eerste diploma van Master verwerft, 140 studiepunten van je leerkrediet afgetrokken. Men kan dus wel verschillende Bachelor diploma's halen. Als het leerkrediet opgebruikt is, kan de hogeschool of universiteit deze student weigeren of alsnog inschrijven. In het tweede geval kan men eventueel een hoger inschrijvingsgeld vragen (maximum het dubbele van het normale inschrijvingsgeld), omdat de instelling voor deze studenten geen subsidie ontvangt van de overheid. Als het leerkrediet niet genoeg meer is om zich in te schrijven voor alle studiepunten waarvoor men wil inschrijven, kan de instelling voor dat onvoldoende deel ook hoger inschrijvingsgeld vragen. Een student die onvoldoende leerkrediet heeft voor een voltijdse inschrijving, krijgt per academiejaar 10 studiepunten aan leerkrediet bij, totdat zijn saldo weer is aangevuld tot 60 studiepunten.
Een bachelor na bachelor, een master na master, een schakelprogramma na een bachelor om over te stappen naar een Master en een voorbereidingsprogramma vallen buiten het stelsel van het leerkrediet.
Het systeem geldt voor het hele Vlaamse hoger onderwijs. Het veranderen van instelling, ook van universiteit naar hogeschool of omgekeerd, verandert niets aan het verwerven/opgebruiken van het leerkrediet, tenzij de student tijdens het academiejaar van opleiding verandert. Afhankelijk van het tijdstip waarop hij verandert van instelling zal hij extra leerkrediet opgebruiken of niet.