"De beste spelers worden in de centrale as geplaatst"
Functioneren in balbezit en wanneer de tegenpartij de bal heeft. Druk zetten, de bal snel veroveren, kunnen opkomen, sterk zijn in een-tegen-eensituaties en een goede voorzet afleveren." Henk Mariman, Hoofd Opleidingen Club Academy, over het profiel van de moderne flankverdediger. "Wanneer je alleen in de organisatie leert spelen, ontwikkel je bepaalde aspecten niet en word je een modale voetballer." Een monoloog.
"De hoofdreden waarom er zo weinig rechter- en linkerflankverdedigers zijn, is omdat de beste spelers in de centrale as geplaatst worden. Zeker in het Belgische jeugdvoetbal, waar de meeste clubs het maximale uit het team willen halen. Ploegen willen zo weinig mogelijk verliezen, er wordt veel te veel op resultaat gespeeld, ook voor het ego van de volwassenen. Winnen ís belangrijk, dat moet ook gestimuleerd worden, maar we vergeten soms dat we in de eerste plaats spelers moeten ontwikkelen. Maar als je echt spelers wil opleiden, moet je iemand op een positie neerzetten volgens zijn potentieel. Als wij een speler aan de A-kern afleveren, vraagt de trainer naar zijn competenties. Kan je koppen? Kan je een tegenspeler naar buiten dwingen? Weet je wanneer je naar binnen moet knijpen? Zúlke zaken worden verwacht."
"Sterktes bespelen"
"Voor elke positie vertrekken we van een specifiek profiel, met oefenvormen die aangepast zijn per leeftijdsgroep. (toont een PowerPoint, red.) Competenties bij balbezit en bij balbezit van de tegenpartij, aanspeelbaar maken, inspelen van de middenvelder, dribbelend inschuiven, achterom komen en de voorzet geven... Dat speelt ons parten in de scouting. In acht van de tien gevallen hebben flankverdedigers nog nooit van opbouw van achteruit gehoord, zodat ze hun voetjes amper ontwikkelden. We zijn in grote mate afhankelijk van de markt."
"Een complexe positie? Alle posities zijn complex. We willen spelers ontwikkelen die functioneren in balbezit - opbouwen van achteruit - , maar ook wanneer de tegenpartij de bal heeft. We willen geen hangende flankverdedigers, maar jongens die druk kunnen zetten en de bal snel willen veroveren. Plus: ze moeten ook nog eens kunnen opkomen, een-tegen-eensituaties uitspelen en een goede voorzet afleveren. Wij willen verdedigers vormen die verdedigend én aanvallend dominant zijn. Want wanneer je als flankverdediger alleen in de organisatie leert voetballen, ontwikkel je bepaalde aspecten niet en word je een modale voetballer. Terwijl je net spelers moet opleiden die iets extra brengen."
"Vanaf twaalf, dertien jaar later kun je zeggen: dit wordt een aanvaller, dit een verdediger. We starten met individuele trainingen bij de U11, waarbij we vooral werken op de specifieke competenties. In de middenbouw, tussen elf en veertien jaar, halen we de posities wel nog geregeld door elkaar omdat we niet te vroeg willen specialiseren. Dan gebeurt pas bij de U15: dit is een rechtsback en die gaan we voor die positie opleiden. Naast die individuele begeleiding, is er op woensdagnamiddag linietraining, waarbij de vier verdedigers samen op bepaalde aspecten trainen. Opbouw, druk zetten. (de verdedigers worden getraind door Dirk Ranson en Jef Vanthournout, red.) Vervolgens spelen we elf tegen elf, zodat de vier verdedigers situaties leren herkennen en weten welke keuzes ze in een wedstrijd moeten maken. Daarom moet je de individuele training aan linietraining koppelen."
"Per positie beschikken we over een aantal dvd's met de specifieke vaardigheden : een speler uitkappen, een schijntrap uitvoeren en naar binnen komen... Alleen: na een jaar individuele training zal je niet veel rendement zien. Na vijf jaar wel. Het doel van ons plan is het potentieel van de speler maximaal benutten. Je moet de stérktes van een speler bespelen, terwijl we vroeger eerder de neiging hadden om aan negatieve punten te werken. Heb je een rechtsback die goed kan opkomen, dan moet je hem daar nóg beter in maken."
"Als je een goede linkerflankaanvaller hebt, moet je hem niet naar het middenveld halen om een betere balans in het team te hebben. Neen, laat hem vooraan staan. Dan kan je wedstrijden verliezen, ja, maar je hebt wel een speler voor die positie ontwikkeld. In de jeugdopleiding van Ajax hebben ze vastgesteld dat ze niet meer in staat zijn goede buitenspelers te vormen, zodat ze nóg individueler willen werken. Dat is de weg die we allemaal moeten volgen. Wie vanaf de zijlijn een perfecte gestrekte bal naar het centrum wil trappen, zal dat heel vaak moeten doen. En door herhaling zal hij beter worden dan iemand anders."
Taakgerichte spelers
"Op het vlak van opleiding hebben we een grote achterstand ten opzichte van het buitenland. Accommodatie, onderwijssysteem, fulltime trainers... Inhoudelijk zitten we met ons plan goed, maar je moet ook coaches hebben die het zien en kunnen overbrengen. Daarom is het interessant dat Olivier De Cock en Sven Vermant in de jeugdopleiding ingeschakeld werden."
"In de Verenigde Staten zag ik onlangs een linksback... Onvoorstelbaar! (blaast) Ik dacht voortdurend: Waar heeft die dat geleerd? Want zijn coaches kenden geen fluit van voetbal. Hij deed alles juist. Inschuiven, achterom komen, passes in de voet en diep. Puur op intuïtie... Zoals hij wellicht altijd op straat gevoetbald heeft. Zijn grote voordeel was dat niemand hem in die ontwikkeling afremde. Hier wordt soms geredeneerd: Je moet niet veel risico's nemen, de keeper zal de bal wel uittrappen."
"Je bent geschikt voor een positie of je bent het niet. Je kunt de genen niet wijzigen, hé... Elke voetballer heeft zijn id-kaart, bepaald door zijn morfologie, lengte, snelheid, wendbaarheid, inzicht... Ik heb bepaalde spelers al doorgeschoven naar de rechterflank, waar ik na een half jaar moest vaststellen dat het niet lukt. Ze voelen het niet aan, pikken het niet op... Soms kan je spelers wel omvormen. Zoals Guillaume Gillet, van een creatieve middenvelder naar een rechtsback. Thomas Vermaelen maakte de omgekeerde beweging: van links naar het centrum. Net als Jan Vertonghen, die niet de wendbaarheid had om één tegen één te verdedigen. Die tendens zie je meer : linksbenige centrale verdedigers worden gemakkelijker naar de linkerflank doorgeschoven."
"Je kunt potentieel hebben, maar vaak bepalen kleine dingen of het zal lukken. Focus speelt een grote rol. Jelle Van Damme, bijvoorbeeld, speelde in de jeugd van Lokeren als aanvaller en had het zelfs bij de provinciale ploeg heel moeilijk. Het laatste traject heb je nooit helemaal in de hand. In de lichting van Moussa Dembélé zaten er veel betere voetballers, maar niemand heeft het zo ver geschopt. Wilskracht is belangrijk, ja, maar in sommige gevallen stokt het talent. Daarom moeten we proberen een zo breed mogelijke groep te vormen."
"Talent wordt overal geboren, dat klopt, maar ik stel vast dat we in West- en Oost-Vlaanderen meer taakgerichte spelers hebben. Centrale verdedigers, links- en rechtsbacks, doelmannen, verdedigende middenvelders. In de grootsteden - Luik, Brussel of Antwerpen - zie je in de jeugdreeksen meer creatieve spelers, ook door de instroom van allochtone jongeren. Wanneer je bij Ajax of Anderlecht de donkere jongens zou wegnemen, valt dat verschil al voor een deel weg. Bij Germinal Beerschot was het heel moeilijk om spelers te overtuigen dat ze een goede rechtsback konden worden. Want ze denken allemaal dat ze een tien zijn... De cultuur heeft een invloed op je vorming. Dat is geen probleem, zolang je de types die je hebt dieper ontwikkelt en tools geeft om sterker te worden. Maar het is een langzaam proces."
Bron: Brugsch Handelsblad - 09/04/10