Inmiddels zijn de halve finalisten gekend. Het zijn Duitsland, Italië, Portugal en Frankrijk.
Als we dit rijtje aan een nader onderzoek onderwerpen ontdekken we drie Romaanse ploegen en slechts één Germaanse. Terwijl wij, Germanen, er toch altijd van uitgaan dat wij superieur zijn aan de Romanen. We hebben een lichte huid, een heldere oogopslag, een rijzige gestalte en een grote penis, en onze vrouwen zijn toffe grieten, met een lekker koppel memmen, een groot talent om het huishouden te doen, een niet al te diepe vagina en soms wel eens sproetjes op een guitig neusje. De Romanen, op hun beurt, zitten heel anders in elkaar. Ze zijn een stelletje luiwammesen, hebben vettig haar, een stoppelige kin, kunnen niet kaartlezen, lopen de helft van de tijd barrevoets, spreken meestal maar één taal en hebben de lelijkste auto aller tijden geconstrueerd, de Lamborghini Diabolo. Toch kunnen ze klaarblijkelijk beter voetballen dan wij. Het wordt derhalve tijd dat we ons superioriteitsgevoel laten varen. Zweden, Nederlanders, Engelsen, Oekraïners, allemaal gewipt, ondanks al de kwaliteiten en voordelen die bij hun ras horen. Hier past slechts nederigheid, temeer omdat de dappersten onder de Germanen, de Belgen, niet eens meededen, de oneindige sukkels. Je kan zeggen: niet panikeren, Duitsland wordt misschien wel wereldkampioen, maar dan zeg ik: zeker is dat niet. Het wordt alweer bang afwachten.