Vorig jaar toen ik nog gitaarles volgde had ik een boek met jazz nummertjes in, je had bij elk nummertje een akkoordenschema en een melodietje, daarnaast werd ook de toonladder gegeven die je kon gebruiken om over het akkoordenschema te improviseren.
Bij het boek zat ook een ceedeetje met backing tracks, zodat je thuis iets had waarmee je kon oefenen op die improvisaties.
In de les ging het er dan telkens als volgt aan toe: eerst namen we het akkoordenschema door en vanaf dat dat lukte speelde men leraar het akkoordenschematje en moest ik het melodietje dat gegeven was erover spelen.
Indien dat allemaal goed ging, dan mocht ik wat proberen improviseren terwijl de leraar het akkoordenschemaatje doorspeelde.
Uiteindelijk belandden we bij het volgende: om de 4 maten afwisselend soleerde ik en speelde de leraar de akkoorden, en omgekeerd.
Je moet dus volgens mij niet zomaar een "lick" (melodietje) zoeken die je kan maken met de noten van die toonladder, maar gewoon oefenen op improvisatietjes.