2. Steekproefsgewijze controles
* Slijtage van de banden
De examinator verzoekt de kandidaat aan te tonen hoe hij de slijtage van zijn banden nagaat. Men verwacht van de kandidaat dat hij zijn wielen draait om het nakijken te vergemakkelijken, dat hij daarna uitstapt en dat hij de groeven die hij nakijkt aantoont. De kandidaat is niet verplicht maar mag gebruik maken van de slijtage indicatoren, aanwezig op sommige banden. De controle beperkt zich tot één voorwiel van het voertuig.
* Bandenspanning
De examinator verzoekt de kandidaat aan te tonen hoe hij zijn bandenspanning nagaat. Men verwacht van de kandidaat dat hij aantoont waar het ventiel zich bevindt. In de kandidaat enkel over een elektronisch systeem beschikt die de bandenspanning op het dashboard aanduidt, verwacht men van de kandidaat dat hij op het dashboard aanduidt waar de bandenspanningsmeter zich bevindt.
* Motorolie
De examinator verzoekt de kandidaat aan te tonen waar hij het oliepeil van de motor nakijkt. Men verwacht van de kandidaat dat hij de motorkap van zijn voertuig opent en dat hij deze laat steunen op de steunstang. Daarna duidt hij aan waar het oliereservoir zich bevindt. Vervolgens moet de kandidaat de motorkap sluiten en er zich van vergewissen dat deze goed gesloten is alvorens terug in te stappen. Men zal aan de kandidaat niet vragen om het oliepeil effectief te controleren. Indien het voertuig niet uitgerust is met een niveaupeilstok in het motorcompartiment, maar enkel met een elektronische peilmeter op het dashboard, verwacht men van de kandidaat dat hij aantoont waar de oliemeter zich bevindt.
* Remvloeistof
De examinator verzoekt de kandidaat aan te tonen waar het remvloeistofreservoir zich bevindt. Men verwacht van de kandidaat dat hij de motorkap van zijn voertuig opent en dat hij deze laat steunen op de steunstang. Daarna duidt hij aan waar het niveau van de remvloeistof zich bevindt. Vervolgens moet de kandidaat de motorkap sluiten en er zich van vergewissen dat deze goed gesloten is alvorens terug in te stappen. Indien het voertuig niet uitgerust is met een niveaupeilstok in het motorcompartiment, maar enkel met een elektronische remvloeistofmeter op het dashboard, verwacht men van de kandidaat dat hij aantoont waar de remvloeistofmeter zich bevindt.
* Koelvloeistof
De examinator verzoekt de kandidaat aan te tonen waar hij het niveau van de koelvloeistof controleert. Men verwacht van de kandidaat dat hij de motorkap van zijn voertuig opent en dat hij deze laat steunen op de steunstang. Daarna duidt hij aan waar het niveau van de koelvloeistof zich bevindt. Vervolgens moet de kandidaat de motorkap sluiten en er zich van vergewissen dat deze goed gesloten is alvorens terug in te stappen. Indien het voertuig niet uitgerust is met een niveaupeilstok in het motorcompartiment, maar enkel met een elektronische koelvloeistofmeter op het dashboard, verwacht men van de kandidaat dat hij aantoont waar de koelvloeistofmeter zich bevindt.
* Product ruitenwissers
De examinator verzoekt de kandidaat aan te tonen waar hij het product voor de ruitenwissers toevoegt. Men verwacht van de kandidaat dat hij de motorkap van zijn voertuig opent en dat hij deze laat steunen op de steunstang. Vervolgens moet de kandidaat aanduiden waar het reservoir voor het product van de ruitenwissers zich bevindt. Vervolgens moet de kandidaat de motorkap sluiten en er zich van vergewissen dat deze goed gesloten is alvorens terug in te stappen.
Indien de kandidaat één van de verwachte punten tijdens het manoeuvre niet uitvoert, of wanneer hij dit niet correct uitvoert, dan weerhoudt de examinator de fout op het protocol.