Psykee zei:
zoals ik al zei: al dienn keuwele waar daj mee afkomt kut mij ni schelen
kzij kik geen boer

wtf
boer
de boer (mannelijk); de boeren
1 <3 boerin> iemand wiens bedrijf bestaat uit landbouw en/of veeteelt
voorbeeld
+ bijvoeglijk naamwoord
een eigen boer
boer die het bedrijf in eigendom heeft
+ telwoord of lidwoord
de Boeren
Hollands sprekende kolonisten in Zuid-Afrika
+ voegwoord
lachen als een boer die kiespijn heeft
niet van harte lachen
samenstelling
wijnboer, varkensboer
2 bewoner van het platteland
voorbeeld
+ zelfstandig naamwoord
burgers en boeren
+ bijvoeglijk naamwoord
het is een echt boertje
je kunt het hem aanzien dat hij van buiten komt
3 <3 boerin> lomperd <pejoratief, minachtend>
voorbeeld
+ voornaamwoord
wat een boer is die vent!
4 hoorbare oprisping van gassen uit de maag
voorbeeld
+ werkwoord
geef die boer een stoel
<schertsend; gezegd als iemand een boer laat>
een boer laten
5 <sport & spel> speelkaart die in rang staat tussen de vrouw en de tien
¶ idioom
voorbeeld
+ werkwoord
de boer opgaan
erop uitgaan om te verkopen, lezingen te houden enzovoort
samenstelling
melkboer, schillenboer