Dit komt door interne spanningen in de glasplaat, vermoedelijk het verschillende
buigend moment op elke positie (buigend moment (M) = som van externe krachten(F) (bv. puntgewicht van een object op de tafel, maar ook de poten op de hoeken die een opwaartse kracht leveren) maal de afstand (x) tot het punt waar je het buigend moment wil berekenen). Voor een eenvoudige balk met enkel eigengewicht (een abstractie van de tafelrand) geeft dit een gebogen momentenlijn met maximum in het midden = hoogste toon. Aan de rand is deze spanning veel minder = laagste noot. Je kunt het vergelijken met een snaar of touw dat je meer of minder opspant.
Om volledig correct te zijn zou je de golfvoortplanting ook nog in rekening moeten brengen (zie wiki-artikel onder Kirchhoff platen), maar het basisidee blijft hetzelfde.