Razzia
Legacy Member
Ok, ik ben ten einde raad. Heb hier een oefening in men cursus staan en ik snap ze niet, ze staat volgens mij stampvol fouten, ik kan er echt niet aan uit. Ze wordt ook nog op het examen gevraagd, dat weet ik zeker. Anyways, here goes:
Bewijs in een willekeurige driehoek ABC met hoeken α, β, en γ dat het volgende geldt:
cos α + cos β + cos γ = 1 + 4sin (α/2) . sin (β/2) . sin (γ/2)
tip: γ = π(pi) - (α + β
--> we werken met radialen. We maken dus gebruik van veelvoudformules (formules van de dubbele hoek) en de forumules van simpson (bv cos x + cos y = ...). Zit op het 5e jaar ASO.
dank bij voorbaat
Bewijs in een willekeurige driehoek ABC met hoeken α, β, en γ dat het volgende geldt:
cos α + cos β + cos γ = 1 + 4sin (α/2) . sin (β/2) . sin (γ/2)
tip: γ = π(pi) - (α + β
--> we werken met radialen. We maken dus gebruik van veelvoudformules (formules van de dubbele hoek) en de forumules van simpson (bv cos x + cos y = ...). Zit op het 5e jaar ASO.dank bij voorbaat

= cos(pi - a - b)
Mss wat verwarrend, sorry.