Ik heb ooit een 18 gehad voor wiskunde (op 100 dus hé, in het middelbaar

). Ik ben zo'n type dat zegt dat 2 + 3 gelijk is aan 6, omdat ik vermenigvuldig in plaats van optel. Ik lees getallen verkeerd, schrijf ze verkeerd op of lees verkeerde dingen van mijn rekenmachine (geen idee of ik dyscalculie heb, zou me niet verbazen). Ik heb enorme faalangst wat betreft wiskunde én statistiek. Wiskundige concepten snap ik niet of moeizaam. En tóch heb ik mijn master sociologie behaald. Drie vakken statistiek waarvan één jaarvak (en als ik wou nog een mastervak ook, heb ik maar voor gepast).
Ik had vooral moeite met het eerste -simpelste- vak, omdat dat het meest wiskundig was. Echt met cijfertjes en dingen uitrekenen en al. Had een 3 in eerste zit en geen idee hoe ik daar ooit door zou moeten geraken. In tweede zit heb ik mij daaraan gezet, elke dag een beetje en gelukkig haalde ik een tientje. Het tweede vak (kwantitatieve analyse) was niet veel rekenen meer, maar voral SPSS en statistische concepten snappen. Heb mij daar ook doorgeploegd, twee weken alleen maar met dat vak bezig geweest in de blok en een 10 gehaald in eerste zit (zó blij, haha). Het derde vak was een jaarvak. Een deel van de punten stond op de groepspapers (tof, ik doe de literatuurstudie en jij de statistiek, check!), maar er was ook een individuele paper aan verbonden, waarbij je zelfstandig een onderzoeksvraag moest beantwoorden aan de hand van een afgeleverde dataset, met drie geziene multivariate technieken. Ik heb heel 't jaar zitten panikeren over die paper en uiteindelijk een 16,5 gehaald

Mijn literatuurstudie was heel goed en ik was zo panisch over die paper en mijn statistische kennis dat ik minitieus heb gedaan wat ik moest doen. Ook geen ingewikkelde dingen gedaan maar gewoon, simpel en degelijk. En dat viel in de smaak, of zo
Dus eh. Moraal van het verhaal. Laat je niet tegenhouden door zoiets want zélfs ik heb het gehaald.