Je neemt sowieso altijd een steekproef. Uw steekproef is in die zin de groep gegevens die je onderzoekt. Als je uitspraak wilt doen over een bepaalde groep gegevens en je al die gegevens gebruikt/onderzoekt dan is uw steekproef = populatie. Uw populatie is dus datgene waarover je de uitspraakt wilt doen.
Simpel vb.:
Klas met 20 kindjes, 10 wittekes, 5 zwartjes en 5 gelekes.
Neem je de gegevens van de 5 gelekes en je wilt iets te weten komen over de hele klas, dan is dit een steekproef (5gelekes) uit uw populatie (20kindjes).
Wil je iets te weten komen over enkel de gelekes in die klas dan is het eveneens een steekproef (5gelekes uit die klas) maar is die gelijk aan uw populatie (5gelekes uit die klas).
Dwaas maar simpel
Steekproef hoeft trouwens niet at random te zijn.
Als je (want het is moeilijk met jouw voorbeeld, maar ik doe een poging) dus wilt weten en een uitspraak wilt doen over de verkoopcijfers van een product in het jaar 2011, dan bestaat uw populatie uit alle verkoopcijfers in dat jaar. Neem jij slechts enkele verkoopcijfers daaruit (bv. 10weken) dan is dat een steekproef getrokken uit de populatie (de verkoopcijfers van 52 weken of 1 jaar). Op basis daarvan kan je dan via inductieve statistiek uw populatiegegevens gaan afleiden op basis van uw steekproef.
Neem jij daarentegen de verkoopcijfers van 52 weken (dus wat je concreet wilt weten) dan is dat eveneens een steekproef die je neemt, die je onderzoekt. In dit geval echter is uw steekproef = uw volledige populatie.